Detachering van werknemers: omzetting Handhavingsrichtlijn

De wet van 11 december 2016 die ingang vond op 30 december 2016 (BS van 20 december 2016) zet de Europese Handhavingsrichtlijn 2014/67/EU om in het Belgisch recht. De wet bevat maatregelen voor een betere handhaving van de EU-voorschriften bij detachering van werknemers in de EER of Zwitserland. Ze biedt de sociale inspectiediensten extra instrumenten om de grensoverschrijdende sociale fraude beter te kunnen controleren en sanctioneren. Stefan Nerinckx van Fieldfisher Brussel bespreekt deze wet.


De uiteenzetting van Stefan Nerinckx werd eerder gepubliceerd in Expat News, 2017, nr. 2, p. 11-12.

stefan-nerinckx_profilepicture-1

Duiding

De wet van 11 december 2016 heeft betrekking op de bestaande en toekomstige gedetacheerde werknemers. Dit zijn werknemers die door hun werkgevers worden uitgestuurd vanuit het land waar ze gewoonlijk door hun werkgever worden tewerkgesteld naar een andere lidstaat van de EER of Zwitserland om daar arbeidsprestaties te leveren in naam en rekening van hun werkgever. De detacheringsrichtlijn van 1996 (EU-Richtlijn 96/71 van 16 december 1996, hierna EU-Richtlijn) bepaalt de regels die moeten nageleefd worden bij een dergelijke detachering. Deze EU-Richtlijn heeft al heel wat inkt doen vloeien, niet in het minst door haar gecontesteerde omzetting in de (Belgische) wet van 5 maart 2002. Op basis van de EU-Richtlijn hebben gedetacheerde werknemers recht op de zogenaamde "harde kern" van de dwingende bepalingen inzake loon- en arbeidsvoorwaarden van de staat van ontvangst (bijvoorbeeld minimumlonen, vakantie, veiligheid en hygiëne op het werk, zwangerschapsbescherming, …). Voor het overige blijft op de gedetacheerde werknemer in beginsel het arbeidsrecht van de uitzendstaat van toepassing in navolging van de ROME I Verordening (EU Verordening 593/2008 - zie Expat News 2009, nr. 7, 8 en 9 en Expat News, 2010, nr. 1). Volgens de preambule van deze Verordening dient er wel terugkeer naar de staat van gewoonlijke tewerkstelling voorzien te zijn.


In de praktijk werd vastgesteld dat de beschermingsvoorschriften van de detacheringsrichtlijn van 1996 vaak niet correct nageleefd werden. Deze regels moeten de detachering vergemakkelijken, eerlijke mededinging verzekeren en een passende mate van bescherming van gedetacheerde werknemers waarborgen.

In Europa zijn zowat 1,2 miljoen werknemers gedetacheerd. Heel wat misbruiken werden vastgesteld. Om hierop een antwoord te bieden, werd in 2014 een nieuwe richtlijn uitgevaardigd, de Europese handhavingsrichtlijn 2014/67/EU (de "Handhavingsrichtlijn"), die tot doel heeft een doeltreffendere toepassing van de detacheringsrichtlijn van 1996 te bekomen, en omzeiling en misbruik van de regels te vermijden (zie Expat News augustus 2014, nr. 7, p. 19).

 

De hier besproken wet zet de Handhavingsrichtlijn om in Belgisch recht.

Feitelijke criteria ter beoordeling van het al dan niet bestaan van een detachering

De wet bevat twee opsommingen van feitelijke criteria die moeten toelaten om te beoordelen of er sprake is van een werkelijke detachering.


Een eerste lijst van feitelijke elementen houdt verband met de vereiste dat de detachering een tijdelijk karakter moet hebben. Het doel van de lijst bestaat erin om prestaties die als detachering worden gekwalificeerd, maar die in werkelijkheid geen tijdelijk karakter hebben, niet te beschouwen als een detachering.


Een tweede lijst van feitelijke elementen heeft betrekking op de beoordeling of voldaan is aan de vereiste dat de onderneming in het vestigingsland daadwerkelijk substantiële activiteiten verricht. Deze lijst moet dus toelaten om te strijden tegen zogenaamde postbusfirma's.

Verplichte aanduiding van een verbindingspersoon

De wet bepaalt dat de werkgever die personeel in België wil detacheren ertoe gehouden is om, voorafgaand aan die detachering, een verbindingspersoon aan te stellen en deze aanstelling mee te delen aan de inspectiediensten. De verbindingspersoon is een natuurlijke persoon die wordt aangewezen door de werkgever om, voor rekening van deze laatste, het contact te verzekeren met de aangeduide ambtenaren, en die kan worden gecontacteerd door deze laatsten om elk document of elk advies te bezorgen of in ontvangst te nemen dat betrekking heeft op de tewerkstelling van in België gedetacheerde werknemers. Het wordt niet vermeld of deze in België gevestigd moet zijn. 

 

De wet bepaalt dat de werkgever (of de verbindingspersoon) die een werknemer naar België detacheert volgende documenten moet kunnen voorleggen aan de inspectie:

  • een kopie van de arbeidsovereenkomst van de gedetacheerde werknemer of elk ander gelijkwaardig document;
  • de overzichten van arbeidstijd die begin, einde en duur van de dagelijkse arbeidstijd van de gedetacheerde werknemer meedelen;
  • de betalingsbewijzen van de lonen van de gedetacheerde werknemer; en
  • informatie met betrekking tot de vreemde valuta die gebruikt wordt voor de betaling van het loon, de voordelen in geld of in natura verbonden aan de tewerkstelling in het buitenland, en de voorwaarden van de repatriëring van de gedetacheerde werknemer.

 

De werkgever moet, op verzoek van de inspectie, een vertaling bezorgen van de in de hiervoor vermelde documenten, hetzij in één van de landstalen, hetzij in het Engels.

Hoofdelijke loonaansprakelijkheid

De wet voert in de loonbeschermingswet (wet van 12 april 1965) een nieuw regime van hoofdelijke aansprakelijkheid in voor de rechtstreekse contractant in geval van activiteiten in de bouwsector, dat zal bestaan naast de "algemene regeling" inzake hoofdelijke aansprakelijkheid voor niet-betaalde lonen aan de werknemers van de rechtstreekse medecontractant in geval van bouwwerkzaamheden. Dit nieuw regime van hoofdelijke aansprakelijkheid wijkt op meerdere punten af van de "algemene regeling" die we reeds bespraken in Expat News, oktober 2013, nr. 9, p. 1).

 

Een opdrachtgever of aannemer zal in geval van gehele of gedeeltelijke niet-betaling van het verschuldigde loon door zijn rechtstreekse (onder)aannemer aan diens werknemers, hoofdelijk aansprakelijk zijn voor de betaling van het loon. De aansprakelijkheid is van toepassing op alle in België tewerkgestelde werknemers (in België gedetacheerd als gedetacheerd naar het buitenland).

 

Deze aansprakelijkheid geldt onmiddellijk en niet na 14 dagen zoals in de 'algemene regeling'. 

Sancties

De wet voegt een nieuwe afdeling in in het Sociaal Strafwetboek met betrekking tot de grensoverschrijdende tenuitvoerlegging van administratieve sancties en boetes. Daarnaast worden in het Sociaal Strafwetboek een aantal nieuwe strafbaarstellingen ingevoerd die verband houden met de nieuweverplichtingen voorzien in de wet. Zo zullen de autoriteiten nauw samenwerken om administratieve geldboeten, die in een lidstaat worden opgelegd aan een werkgever, effectief te innen. 

Conclusie

De wet voert een aantal nieuwe bepalingen in die de sociale inspectie zullen toelaten om doeltreffender toe te zien op de naleving van de regels inzake detachering van werknemers. Aan de werkgevers wordt gevraagd om bijkomende informatie en documenten te verzorgen. Werkgevers die gebruik maken van gedetacheerde werknemers doen er goed aan om regelmatig een test uit te voeren om na te gaan of ze wel in regel zijn met de vigerende wetsbepalingen.

 

Stefan Nerinckx

Fieldfisher Brussel

Expat News, 2017, nr. 2, p. 11-12

  1037