Toelichting bij nieuwe GAS-wet

joelle-milquet-IT-EU-354x200.jpgSinds 1 januari 2014 vallen de gemeentelijke administratieve sancties (GAS) onder een gemoderniseerde en nauwkeuriger wetgeving. De ontslagnemende minister van Binnenlandse Zaken, Joëlle Milquet, staat nog even stil bij deze nieuwe bepalingen. Ze overloopt een hele reeks punten van de nieuwe wet en verstrekt ook uitvoeriger uitleg over de specifieke procedures van de nieuwe GAS-wet, meer bepaald over de inbreuken van stilstaan en parkeren.

Overlast

De gemeenten mogen de nodige maatregelen nemen om elke vorm van overlast te bestrijden, maar de nieuwe GAS-wet definieert niet wat men onder die term precies verstaat.

Minister Milquet grijpt hiervoor terug naar de gangbare definitie van ‘openbare overlast’ die betrekking heeft op ‘individuele, materiële gedragingen die het harmonieuze verloop van de menselijke activiteiten kunnen verstoren en de levenskwaliteit van de inwoners van een gemeente, een wijk, een straat, kunnen beperken op een manier die de normale druk van het sociale leven overschrijdt’. Volgens haar kan overlast dus beschouwd worden als ‘lichte vormen van verstoring van de openbare rust, veiligheid, gezondheid en zindelijkheid’.

Ze geeft ook enkele voorbeelden van gedragingen die overlast kunnen vormen en dus het voorwerp van administratieve sancties kunnen uitmaken, zoals het gras maaien op zondag, vuilniszakken op straat zetten voor een bepaald uur, zijn hond niet aan de leiband houden, affiches ophangen op niet toegestane plaatsen, of urineren op openbare plaatsen.

Gemengde inbreuken

De nieuwe GAS-wet heeft ook de lijst van de ‘gemengde inbreuken’ gewijzigd. Dat zijn de gedragingen waarvoor de gemeente zowel een strafsanctie als een gemeentelijke administratieve sanctie kan opleggen.

Eén van de belangrijkste toevoegingen aan die lijst zijn de inbreuken op het vlak van ‘stilstaan en parkeren’. De minister rechtvaardigt deze beslissing door te verklaren dat ‘in overtreding geparkeerde voertuigen niet alleen voor de aantasting van de mobiliteit zorgen, maar ook de veiligheid en de leefbaarheid in de stedelijke en gemeentelijke centra bedreigen’. Dit biedt meteen een oplossing voor een paradoxale situatie vermits de gemeenten tot hiertoe geen greep hadden op de voertuigen die geparkeerd werden op plaatsen waar dit verboden is. Zo liep men minder risico om beboet te worden als men parkeerde waar het niet mocht dan in een zone met parkeerautomaat.

De minister wijst er ook op dat de processen-verbaal die voor die inbreuken opgemaakt en administratiefrechtelijk behandeld worden geen bijzondere bewijswaarde hebben, in tegenstelling tot de PV’s tot vaststelling van verkeersovertredingen. Alle vaststellingen in het kader van de gemeentelijke administratieve sancties gelden immers louter als inlichting.

Protocolakkoord

Joëlle Milquet herinnert ook aan de invoering van de nieuwe GAS-wet ‘protocolakkoord’, gesloten tussen de bevoegde Procureur des Konings en het college van burgemeester en schepenen of het gemeentecollege. Het afsluiten van een dergelijk protocolakkoord is doorgaans facultatief, behalve voor de inbreuken betreffende het stilstaan en parkeren en de overtredingen van de bepalingen betreffende sommige verkeersborden . Toch wordt dit ‘ten stelligste aangeraden’.

Administratieve geldboeten

Sommige inbreuken kunnen het voorwerp van een GAS vormen in de vorm van een administratieve geldboete. De nieuwe GAS-wet heeft de maximumbedragen van de boetes die aldus opgelegd kunnen worden, opgetrokken, maar de gemeentereglementen moeten nog aangepast worden om die verhoging te kunnen toepassen, tenzij ze gewoon stellen dat de ‘wettelijk voorziene bedragen’ als gemeentelijke administratieve geldboete opgelegd kunnen worden.

Ook werd de leeftijdsgrens van de minderjarigen aan wie een gemeentelijke administratieve geldboete opgelegd kan worden verlaagd van 16 naar 14 jaar. Het staat de gemeenten vrij om deze verlaging al dan niet door te voeren, maar als ze daarvoor opteren, moeten ze hun reglement eerst op dit punt aanpassen.

Merken we op dat minister Milquet de gemeenten in het algemeen aanraadt om hun politiereglement aan de nieuwe wetgeving aan te passen, aangezien sommige nieuwe elementen sowieso een impact zullen hebben.

Lokale bemiddeling en gemeenschapsdienst

De minister maant de gemeenten ook aan om hun gemeentereglement af te stemmen op de nieuwe modaliteiten van lokale bemiddeling. Dat geldt vooral voor de minderjarigen omdat de gewone bemiddeling door de nieuwe GAS-wet afgeschaft werd. In het kader van procedures tegen minderjarigen is men evenwel verplicht om een bemiddeling aan te bieden. Wanneer er geen lokale bemiddeling voorzien in het gemeentelijk reglement, kunnen er ook geen procedures lastens minderjarigen op rechtsgeldige wijze gevoerd worden. 

Bovendien herinnert Joëlle Milquet eraan dat gemeenschapsdienst voor minderjarigen slechts in tweede instantie aangeboden kan worden (nadat de bemiddeling mislukt is of geweigerd werd), terwijl deze voor meerderjaren aangeboden kan worden vanaf het begin van de administratieve procedure (net zoals de bemiddeling).

Ze voegt er nog aan toe dat ‘lokale bemiddeling als alternatief voor de administratieve geldboete onmiskenbare voordelen heeft in de strijd tegen overlast, maar ook bij preventie, pedagogie, dialoog en sociale cohesie’. Daarom kunnen de gemeenten die meer in detail geïnformeerd willen worden over lokale bemiddeling, contact opnemen met de bemiddelaars in hun gerechtelijk arrondissement (of politiezone in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest) of, in voorkomend geval, met de bevoegde ambtenaar op de Dienst Grootstedenbeleid.

Overmaking van de processen-verbaal

De nieuwe GAS-wet bepaalt dat het origineel van de vaststelling binnen twee maanden (in plaats van één maand) aan de Procureur des Konings overgemaakt moet worden. Joëlle Milquet verklaart dat die maatregel het mogelijk moet maken om over meer volledige en grondig uitgewerkte processen-verbaal te beschikken, maar niets belet dat die processen-verbaal vóór de termijn van twee maanden overgemaakt worden.

De GAS-wet voorziet in een uitzondering in geval van een ‘misdrijf op heterdaad’ waarvoor de termijn teruggebracht wordt tot één maand. De minister grijpt hiervoor terug naar het Wetboek van strafvordering waarin een op heterdaad ontdekt misdrijf gedefinieerd wordt als ‘het misdrijf ontdekt terwijl het gepleegd wordt of terstond nadat het gepleegd is’. Ze haalt een aantal voorbeelden en tegenvoorbeelden van misdrijven op heterdaad aan waarop de uitzondering al dan niet van toepassing is en vraagt dat de precieze omstandigheden van de vaststelling formeel en gedetailleerd omschreven zouden worden in het PV om elke discussie uit te sluiten.

Tot slot moet de datum van overzending vermeld worden in het PV om de termijn van één of twee maanden makkelijker te kunnen berekenen.

Verhoor

De Nederlandse en de Franse tekst van de nieuwe GAS-wet bevatten tegenstrijdige bepalingen voor wat de mogelijkheid om een verhoor te vragen betreft.

In de Franse versie van de wet kan de sanctionerende ambtenaar het verhoor enkel weigeren voor meerderjarige overtreders ten aanzien van wie een administratieve geldboete van minder dan 70 euro overwogen wordt (in plaats van 62,5 euro voordien). In de Nederlandse tekst komt dit onderscheid tussen meerder- en minderjarigen niet voor. Het is echter van groot belang dat de minderjarigen steeds de mogelijkheid hebben om verhoord te worden, ongeacht het bedrag van de boete die hun opgelegd wordt.

Daarom vraagt de minister om, in afwachting van de aanpassing van de Nederlandse tekst, de Franse versie van de tekst toe te passen die overeenstemt met de wil van de wetgever.

GAS
-register

Minister Milquet staat ook nog even stil bij het register van de gemeentelijke administratieve sancties dat door de gemeenten beheerd wordt. Ze herinnert eraan dat de gegevens van dat register persoonsgegevens zijn en dus onderworpen zijn aan de wet op de privacy, met name de wet van 8 december 1992 en haar uitvoeringsbesluit van 13 februari 2001 . Ze verwijst tevens naar de bijzondere voorwaarden betreffende het GAS-register die de bescherming van de geregistreerde gegevens garanderen.

Tweejaarlijks verslag

De minister van Binnenlandse Zaken dient om de twee jaar verslag uit te brengen aan het Parlement over de toepassing van de nieuwe GAS-wet. Joëlle Milquet plant daarom een eerste verslag tegen 1 januari 2016 en vraagt uitdrukkelijk de medewerking van de gemeenten opdat dit een zo volledig mogelijk beeld zou geven van de toepassing van de gemeentelijke administratieve sancties in België.

Om een zekere uniformiteit bij het overzenden van de informatie te handhaven, verzoekt zij hun tevens om die informatie mee te delen via een tabel die de inbreuken in verschillende categorieën opdeelt en een onderscheid maakt tussen de louter administratieve inbreuken en de gemengde inbreuken, enerzijds en het “type” overtreder” (minder- of meerderjarige), anderzijds.

Modelformulieren

De minister verstrekt een tiental
 modeldocumenten betreffende de gemeentelijke administratieve sancties, met name een model van:

  • vaststelling - proces-verbaal voor gemengde inbreuken;
  • vaststelling - bestuurlijk verslag (voor de louter administratieve inbreuken);
  • brief tot opstarten van de procedure ouderlijke betrokkenheid;
  • brief tot opstarten van de administratieve procedure voor meerderjarigen;
  • brief tot opstarten van de administratieve procedure – minderjarige;
  • beslissing tot opleggen van een administratieve sanctie;
  • kennisgeving aan de stafhouder inzake het opstarten van een administratieve procedure tegen een minderjarige;
  • kennisgeving van een beslissing aan een overtreder;
  • kennisgeving van een beslissing van een aan een minderjarige opgelegde administratieve geldboete aan de ouders/voogd/persoon die de hoede heeft over de minderjarige;
  • kennisgeving van opname in het register van de gemeentelijke administratieve sancties voor personen die het voorwerp hebben uitgemaakt van een alternatieve maatregel (bemiddeling of gemeenschapsdienst).

Herhalingen

Tot slot melden wij nog dat minister Milquet nog een aantal andere punten van de nieuwe GAS-wet aanhaalt zonder ze evenwel nader toe te lichten. Zo overloopt zij in grote lijnen de bepalingen betreffende:

  • de mogelijkheid voor gemeenten die deel uitmaken van dezelfde politiezone, van meerdere politiezones of zelfs een gerechtelijk arrondissement om een identiek algemeen politiereglement aan te nemen;
  • de uitbreiding van de categorie van vaststellers;
  • de herhaalde inbreuken;
  • de specifieke procedureregels voor minderjarigen;
  • de verjaringstermijnen;
  • de onmiddellijke inning;
  • het plaatsverbod;
  • enz.

Omzendbrief van 22 juli 2014 waarbij uitleg verschaft wordt bij de nieuwe regelgeving aangaande de gemeentelijke administratieve sancties, BS 08 augustus 2014, BS 8 augustus 2014

Zie ook:
 Koninklijk besluit van 21 december 2013 tot vaststelling van de bijzondere voorwaarden betreffende het register van de gemeentelijke administratieve sancties ingevoerd bij artikel 44 van de wet van 24 juni 2013 betreffende de gemeentelijke administratieve sancties, BS 27 december 2013
 Koninklijk besluit van 21 december 2013 tot vaststelling van de kwalificatie- en onafhankelijkheidsvoorwaarden van de ambtenaar belast met de oplegging van de administratieve geldboete en tot inning van de boetes in uitvoering van de wet betreffende de gemeentelijke administratieve sancties, BS 27 december 2013
 Koninklijk besluit van 21 december 2013 tot vaststelling van de minimumvoorwaarden inzake selectie, aanwerving, opleiding en bevoegdheid van de ambtenaren en personeelsleden die bevoegd zijn tot vaststelling van inbreuken die aanleiding kunnen geven tot de oplegging van een gemeentelijke administratieve sanctie, BS 27 december 2013
 Koninklijk besluit van 28 januari 2014 houdende de minimumvoorwaarden en modaliteiten voor de bemiddeling in het kader van de wet betreffende de Gemeentelijke Administratieve Sancties (GAS), BS 31 januari 2014
 Koninklijk besluit van 9 maart 2014 betreffende de gemeentelijke administratieve sancties voor de overtredingen betreffende het stilstaan en het parkeren en voor de overtredingen betreffende de verkeersborden C3 en F 103, vastgesteld met automatisch werkende toestellen, BS 20 juni 2014
 Wet van 24 juni 2013 betreffende de gemeentelijke administratieve sancties, BS 1 juli 2013
 Artikel 119bis en 119ter van de Nieuwe Gemeentewet

Gepubliceerd op 21-08-2014

  192