Onroerend erfgoed in zakformaat

Zakboekje Onroerend Erfgoed 2015In september trekken Vlamingen weer massaal naar (open) monumenten. Achter elk monument schuilt ook een juridisch verhaal. Sinds 1 januari 2015 is dit gebaseerd op het nieuwe Onroerenderfgoeddecreet en Onroerenderfgoedbesluit. Het Vlaamse Gewest beschikt daarmee over een nieuwe regelgeving met betrekking tot monumenten, stads- en dorpsgezichten, landschapszorg en archeologisch patrimonium. Een globale en omvattende beschrijving en analyse van de nieuwe wetgeving ontbrak tot nog toe. Een uitgelezen moment voor een zakboekje over deze materie, zo vonden auteurs Lise Vandenhende, Geert Van Hoorick en Paul Vansant. Hierna vindt u een samenvatting van de eerste editie van het Zakboekje Onroerend Erfgoed.

Continuïteit in onroerenderfgoedbeleid

“Deze nieuwe wetgeving beoogt een vernieuwing op tal van punten, zonder de continuïteit in het onroerenderfgoedbeleid in het gedrang te brengen”, meent Geert Van Hoorick. Een grondige kennis van de nieuwe wetgeving is niet alleen vereist voor iedereen die bij het onroerenderfgoedbeleid betrokken is. Ook van notarissen, vastgoedprofessionals en ruimtelijke ordening / milieujuristen wordt steeds vaker een antwoord verwacht op de vele vragen die rijzen omtrent onroerend erfgoed.

Lise Vandenhende en Geert Van Hoorick geven in de eerste helft van het zakboekje een beknopte maar praktische toelichting bij de bestuurlijke organisatie (zoals de mogelijkheid voor gemeenten om een onroerenderfgoedgemeente te worden), de inventarissen, de beschermingsprocedure en de rechtsgevolgen van de bescherming. Ook worden de onroerenderfgoedrichtplannen en erfgoedlandschappen behandeld. Ruime aandacht gaat uit naar het beheer van onroerend erfgoed en de subsidies en premies.

Een innovatief handhavingskader voor onroerend erfgoed

Met het Onroerenderfgoeddecreet opteert de Vlaamse decreetgever voor een volledig nieuw handhavingsconcept, met een mix van figuren uit de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening, het Milieuhandhavingsdecreet en de Nederlandse Algemene Wet Bestuurszaken. Andere figuren, zoals de schadevergoeding en de nogal eigenzinnige minnelijke schikking, zijn zelfs volledig nieuw te noemen.

De klassieke unieke handhavingsweg voor alle dossiers wordt verlaten, en maakt plaats voor een meersporenbeleid, dat maatwerk moet toelaten. Gerechtelijke handhaving heeft voortaan een pendant in bestuurlijke handhaving. Strafrechtelijke beboeting in bestuurlijke beboeting. Harde handhaving in zachte handhaving. Dwangmatige herstelhandhaving in consensuele herstelhandhaving. Rechtstreekse handhaving in onrechtstreekse (financiële) handhaving. Feitelijk herstel in herstel bij equivalent.

Handhaven in dit kader vergt een out of the box-denken, een denken in kansen i.p.v. restricties. In de tweede helft van het zakboekje, gaat Paul Vansant in een omstandige bespreking van het handhavingsluik nader in op de onderlinge verhouding tussen de verschillende instrumenten, en probeert hij de nieuwe mogelijkheden die zich aandienen te duiden.

Een lijst met nuttige adressen en een handige index vervolledigen het zakboekje.

Onroerend erfgoed zit niet stil

Geen gedurfde innovatie zonder risico’s. Of de rechtspraktijk de nieuwe beschermings- en handhavingsinstrumenten zal weten te smaken, en, vooral, of zij zullen leiden tot een daadwerkelijke verbetering van de conditie van ons erfgoed, zal in de komende jaren moeten blijken. Paul Vansant stelt hieromtrent: “Het Onroerenderfgoeddecreet mag dan al ten dele een experiment zijn, de resultaten ervan moeten in de praktijk worden beoordeeld. The proof of the pudding is in the eating.”

Het archeologieluik van het Onroerenderfgoeddecreet is vooralsnog niet in werking. In deze editie wordt dit luik nog niet belicht.



 



Klik hier om het Zakboekje Onroerend Erfgoed “De bescherming van het onroerend erfgoed in het Vlaamse Gewest” te bestellen.

Bron: Lise VANDENHENDE, Geert VAN HOORICK en Paul VANSANT, Zakboekje Onroerend Erfgoed, Wolters Kluwer, 2015, 520 p.

Het boek verschijnt ook als e-book.

Op Jura vindt u meer rechtsleer over onroerend erfgoed.


Gepubliceerd op 11-09-2015

  99