Onbestuurbaarheid van gemeenten

Verleden, heden en toekomst

Stef Keunen en Sofie Hennau bespreken de procedure van de structurele onbestuurbaarheid binnen de Vlaamse gemeenten. De Raad van State interpreteert dit begrip zeer strikt. Ze analyseren de gevolgen hiervan voor de bestuurspraktijk. Hun bijdrage verscheen in afl. 365 van 28 juni 2017 van het Nieuw Juridisch Weekblad (NjW).

Gepubliceerd op 28-06-2017

keunen-stef
Stef Keunen
hennau_sofie
Sofie Hennau

Wat is structurele onbestuurbaarheid?

De decreetgever heeft nagelaten om het begrip 'structurele onbestuurbaarheid' op een heldere manier te definiëren. De memorie van toelichting stelt slechts dat artikel 47bis van het Gemeentedecreet voorziet in een procedure om de bestuurbaarheid van een gemeente te herstellen “wanneer zij worden geconfronteerd met instabiliteit in het college van burgemeester en schepenen en het college niet meer kan rekenen op de steun van een meerderheid van de gemeenteraadsleden”.

De Raad van State beschouwt de procedure van structurele onbestuurbaarheid dan ook als een uitzonderingsmaatregel: het is een feitelijke aangelegenheid die met voorbeelden uit de praktijk moet worden bewezen. De politieke wil om van coalitiepartner te veranderen volstaat bijgevolg niet om de procedure op een wettige wijze in te roepen.

Concreet neemt de Raad van State bij de wettigheidstoets van structurele onbestuurbaarheid twee elementen in het bijzonder in aanmerking: een blokkering van de werking van het college van burgemeester en schepenen en de niet-goedkeuring van wijzigingen van het meerjarenplan en het budget. Deze criteria hebben echter geen absoluut karakter.


De aanhouder wint

Het gebrek aan definitie van ‘structurele onbestuurbaarheid’ en de restrictieve invulling door de Raad van State, hebben geleid tot een ongewenst neveneffect: net om de instabiliteit en onbestuurbaarheid van de gemeente te bewijzen, werd de werking van de gemeente op een aantal plaatsen volledig lam gelegd. Ook een uitdrukkelijk gewilde en zelf georganiseerde langdurige obstructie van het bestuur om tot een nieuw college van burgemeester en schepenen te komen, kan met andere woorden een vaststelling van de structurele onbestuurbaarheid verantwoorden. Dit leidt ertoe dat gemeenten vaak voor een lange periode (> 200 dagen) onbestuurbaar zijn. Dit terwijl de decreetgever een snelle remediëring van de instabiliteit in het college van burgemeester en schepenen beoogde.


Een alternatief?


Het voorontwerp van het Decreet lokaal bestuur, zoals goedgekeurd door de Vlaamse Regering op 24 februari 2017, verandert niets aan de procedure tot herstel van de structurele onbestuurbaarheid. Nochtans lijkt een decretaal ingrijpen lijkt, gelet op de tekortkomingen van de huidige procedure, wenselijk.



Stef Keunen is Assistent bestuursrecht, CORe (Universiteit Hasselt).
Sofie Hennau is Postdoctoraal onderzoeker, CORe (Universiteit Hasselt).

Bron: Stef KEUNEN en Sofie HENNAU, “Onbestuurbaarheid van gemeenten. Verleden, heden en toekomst”, NjW 2017, afl. 365, 462-474.

De volledige tekst vindt u in het Nieuw Juridisch Weekblad (NjW). Klik hier voor meer informatie over het Nieuw Juridisch Weekblad (NjW), alsook voor de abonnementsvoorwaarden.

NjW kan ook gelezen worden op smartphone en tablet. Wie al een abonnement heeft op de papieren versie geniet van een voordeeltarief. Klik hier voor meer informatie over NjW mobiel.

>>> Als u nu een jaarabonnement neemt op NjW ontvangt u gratis het volledige artikel van Stef Keunen en Sofie Hennau in pdf-formaat. Zend hiervoor een e-mail met vermelding van alle vereiste contactgegevens voor de levering en facturatie van uw abonnement naar: njw@wolterskluwer.be.

De website van NjW: www.e-njw.be

Op Jura vindt u meer rechtsleer over onbestuurbaarheid van gemeenten.

  688