IPR in de praktijk, ben je nog mee?

De globalisering van onze economie en de mobiliteit van onze persoonlijke relaties, de voortdurende toename van het internationaal goederen- en kapitaalverkeer… In de kleine en open Belgische economie heeft dit ingrijpende juridische gevolgen. Het juridisch kader om de gebeurlijke grensoverschrijdende rechtsgeschillen af te wikkelen is namelijk zeer complex.

Gepubliceerd op 11-12-2017

Sophie Nottebaert
Product Manager bij M&D Seminars, Wolters Kluwer België
ipr

Waar haal je het recht bij een conflict? Hoe procedeer je tegen een Amerikaans bedrijf? Welke rechtbank is dan bevoegd? Zal het andere land de uitspraak erkennen en helpen uitvoeren? Want beide partijen verkiezen natuurlijk hun eigen nationale rechtbank…

IPR zit overal

“Misschien staan onze advocatenkantoren daar nog te weinig bij stil. Ons internationaal privaatrecht blijft sterk evolueren en almaar aan belang winnen. Er komen voortdurend internationale verdragen en Europese verordeningen bij”, zegt Johan Erauw, professor in internationaal privaatrecht.

Er is geen enkele rechtstak meer waarin je niet meteen stoot op toepassingen die onze landsgrenzen overschrijden. “En dat gaat van aandelentransacties op Angelsaksische beurzen en elders opgerichte vennootschappen tot in belastingparadijzen, over gemengde maar niet overal erkende huwelijken, via de bescherming van de privacy tot arbeidsovereenkomsten met (niet-)Europese werknemers of chauffeurs en tot intellectuele eigendomsrechten in China of tot een boeking van een hotelkamer in een ver land.”

Het Europese speelveld

Maar het evolueert allemaal zo snel. Op internationaal, op Europees vlak en tussen de internationale organisaties ontwikkelen er zich systemen om voor een bepaald territorium of voor een bepaalde rechtstak tot werkbare oplossingen te komen als er zich een juridisch dispuut voordoet. “Interessant in dat verband is bijvoorbeeld het recente voornemen van Minister Geens om in Brussel een Engelstalige rechtbank te laten oprichten.”

Maar zelfs de voorbeeldige Europese samenwerking op gerechtelijk vlak sputtert wel eens, zegt Professor Erauw: “Er zijn verschillende maturiteitsniveaus in de lidstaten of nieuwe nationalistische reflexen. Maar het blijft de bedoeling de vonnissen van de lidstaten wederzijds te erkennen, zoals recent voor de vernieuwde EU-regels op het vlak van insolventierecht. Er blijven ook belangrijke initiatieven komen om nieuwe verdragen te sluiten en verder te werken aan de eenmaking van het recht voor commerciële transacties.”

Wake-upcall

Elke advocaat of beroepsjurist moet intussen een goed overzicht behouden van de Europese verordeningen die ertoe doen, zowel van de VN-akkoorden op het vlak van kooprecht en van de intersectorale afspraken zoals die in de sector van de banken. Ken jij al de bevoegdheidsregels of de werking van op vrijwilligheid gebaseerde handelsarbitrage-instituten zoals CEPANI in Brussel?

“Voor wie er niet dagelijks mee bezig is, zijn de bronnen inderdaad niet altijd gekend of gemakkelijk te begrijpen. En toch kan het elke advocaat overkomen: in gelijk welk dossier kan hij op buitenlandse elementen – en dus IPR-aspecten – stoten.  En dan hebben we het nog niet eens over de complicaties die we na de Brexit mogen verwachten”, voegt Erauw er nog aan toe.

  501