Vlaams Handelsvestigingsdecreet vervangt Ikea-wet

Het Handelsvestigingsdecreet van 15 juli 2016 vervangt de oude federale Ikea-wet van 13 augustus 2004. Hierdoor worden een aantal zaken eenvoudiger voor kleine handelspanden. Zo kan voor de bouw en de uitbating van een handelsvestiging voortaan een ‘permis unique’ gevraagd worden, in de vorm van een omgevingsvergunning. Gregory Verhelst en Bert Van Weerdt hebben deze wijzigingen grondig bestudeerd. Hun bijdrage verscheen op 16 januari 2019 in aflevering 394 van het Nieuw Juridisch Weekblad (NjW).

Gepubliceerd op 16-01-2019

Met de zesde staatshervorming werden de gewesten bevoegd inzake handelsvestigingen. In elk van de drie gewesten werd de oude IKEA-wet van 13 augustus 2004 inmiddels vervangen door een eigen regionale wetgeving. Met de Brusselse ordonnantie van 8 mei 2014 werd de handelsvestigingsvergunning (of ‘socio-economische vergunning’) geïntegreerd in de stedenbouwkundige vergunning. Het Waalse decreet van 5 februari 2015 ‘relatif aux implantations commerciales’ behoudt de afzonderlijke socio-economische vergunning, maar wanneer een project ook milieuaspecten en/of stedenbouwkundige aspecten omvat, is sprake van een geïntegreerde vergunning. In het Vlaamse gewest werd de socio-economische vergunning met het decreet van 15 juli 2016 betreffende het integraal handelsvestigingsbeleid geïntegreerd in de nieuwe omgevingsvergunning, die werd ingevoerd met het Omgevingsvergunningsdecreet van 25 april 2014. Het nieuwe vergunningsstelsel inzake handelsvestigingen is in werking getreden op 1 augustus 2018.

Basisprincipes en visievorming

Het decreet vertrekt van een aantal basisdoelstellingen die de betrokken overheden (het gewest en de gemeenten en provincies) voorop moeten stellen in het kader van hun handelsvestigingsbeleid. Het betreft onder meer het vermijden van ongewenste kleinhandelslinten en het versterken van de kernwinkelgebieden, het bewaken van de leefbaarheid van het stedelijk milieu en een duurzame mobiliteit en het waarborgen van een toegankelijk aanbod voor consumenten. Steunend op deze principes, kunnen de Vlaamse regering en de gemeenten en provincies, elk op hun niveau, een visie op het handelsvestigingsbeleid opmaken. Die visie kan ook geïntegreerd worden in het ruimtelijk structuurplan.

restaurant

Planning

De gemeenten en provincies kunnen een aantal planningsinstrumenten inzetten om hun (al dan niet in een formeel document gegoten) visie inzake het handelsvestigingsbeleid om te zetten op het terrein. De gemeenten kunnen bijvoorbeeld in een RUP of een stedenbouwkundige verordening kernwinkelgebieden of winkelarme gebieden afbakenen, of oppervlaktebeperkingen opleggen voor bepaalde assortimenten. In een provinciaal RUP of een provinciale stedenbouwkundige verordening kan een winkelarm gebied met gemeentegrensoverschrijdende impact afgebakend worden. Dit moet dan wel gebeuren in overleg met de betrokken gemeenten en op vraag van minstens een betrokken gemeente.

Omgevingsvergunning voor kleinhandelsactiviteiten

Met het Omgevingsvergunningsdecreet van 25 april 2014 heeft het Vlaamse gewest resoluut gekozen voor een ‘unieke’ vergunning. Het Handelsvestigingsdecreet integreert nu ook de socio-economische vergunning in die unieke vergunning. De uitbating van de winkel kan dus samen met de bouw ervan vergund worden. Wanneer de huurder van het pand nog niet gekend is, moet in de aanvraag desnoods een voorlopig assortiment bepaald worden, dat achteraf gewijzigd wordt met een nieuwe vergunning.

De vergunningsplichtige handelingen worden opgesomd in het Handelsvestigingsdecreet. In principe geldt een minimale oppervlaktedrempel van 400 m² netto handelsoppervlakte. In het decreet worden de handelsactiviteiten onderverdeeld in vier categorieën, namelijk:

  1. de verkoop van voeding,
  2. de verkoop van goederen voor persoonsuitrusting,
  3. de verkoop van planten, bloemen en goederen voor land- en tuinbouw en
  4. de verkoop van andere producten.

Een vergunning zal onder meer vereist zijn bij een overstap tussen deze categorieën.

Tegen een vergunning verleend in laatste administratieve aanleg staat een beroep open bij de Raad voor Vergunningsbetwistingen, die zijn bevoegdheidsdomein dus andermaal uitgebreid ziet worden ten koste van de Raad van State.


Bron: Gregory VERHELST en Bert VAN WEERDT, “Vlaams Handelsvestigingsdecreet. Socio-economische vergunning geïntegreerd in omgevingsvergunning”, NjW 2019, afl. 394, 2-18.

De auteurs

Gregory Verhelst en Bert Van Weerdt zijn beiden advocaat.

Gregory Verhelst
Gregory Verhelst
Bert Van Weerdt
Bert Van Weerdt

 

 

  608