Transparantie is de nieuwe standaard met Common Reporting Standard

Sinds 2016 heeft de ‘Common Reporting Standard’ (CRS) de Spaarrichtlijn binnen de EU vervangen. Onder de CRS moeten financiële instellingen informatie uitwisselen aangaande alle financiële rekeningen van niet-inwoners die hun woonplaats hebben in een ander land dat de CRS eveneens toepast. De CRS hanteert bovendien een doorkijkaanpak voor de ‘uiteindelijk begunstigden’ van zogenaamde ‘passieve niet-financiële entiteiten’. Bovendien moet België in 2017 de Vierde Anti-witwasrichtlijn omzetten in nationaal recht.

Helena De Coninck van advocatenkantoor Laga zet een aantal zaken voor ons op een rijtje. 

(foto: Fabian Blank)


SpaarvarkenVoor 2016 was alleen de Europese Spaarrichtlijn van toepassing op de automatische uitwisseling van informatie over financiële rekeningen. Deze richtlijn voorzag de belastingautoriteiten slechts van een beperkte hoeveelheid informatie. Het toepassingsgebied was beperkt tot inkomsten uit interesten behaald binnen de EU maar buiten de lidstaat waar de belastingplichtige zijn woonplaats heeft. Bovendien moesten slechts zeer weinig gegevens effectief worden doorgegeven (met name informatie die toeliet de begunstigde van de interesten te identificeren en het bedrag van het interestinkomen dat werd ontvangen).

Vanaf 2016 heeft de ‘Common Reporting Standard’ (CRS) de Spaarrichtlijn binnen de EU vervangen. Eerst moet worden opgemerkt dat de CRS op veel grotere schaal functioneert aangezien het een wereldwijd initiatief betreft. Sinds december 2016 hebben reeds meer dan 100 landen zich ertoe verbonden de standaard op korte termijn of in de eerstkomende jaren te implementeren. Daartoe behoren ook enkele landen die traditioneel bekend stonden als belastingparadijzen (de Britse Maagdeneilanden, de Kaaimaneilanden, Panama,…).


Onder de CRS moeten financiële instellingen informatie uitwisselen aangaande alle financiële rekeningen van niet-inwoners (zowel natuurlijke personen als rechtspersonen) die hun woonplaats hebben in een ander land dat de CRS eveneens toepast. De uitgewisselde informatie is nu ook veel uitgebreider en omvat het rekeningsaldo (met inbegrip van de waarde van bepaalde verzekeringscontracten), dividenden en bruto-opbrengsten uit de verkoop van financiële instrumenten. Deze uitwisseling moet minstens eenmaal per jaar automatisch plaatsvinden en kan niet worden verhinderd door zich te beroepen op het nationaal bankgeheim.


De CRS hanteert tevens een doorkijkaanpak voor de ‘uiteindelijk begunstigden’ van zogenaamde ‘passieve niet-financiële entiteiten’. Kort samengevat, betekent dit dat indien een natuurlijke persoon de controle bezit over een niet-financiële entiteit die hoofdzakelijk passief inkomen realiseert en deze inwoner is van een ander CRS-land dan dat waar de rekeningen van deze entiteit worden aangehouden, informatie met betrekking tot de rekeningen van de entiteit en de identificatie van de begunstigde zal worden uitgewisseld met de woonstaat van deze begunstigde. Een persoon wordt geacht ‘uiteindelijk begunstigde’ te zijn indien men rechtstreeks of onrechtstreeks meer dan 25% van de aandelen van de entiteit aanhoudt en deze zodoende controleert.


Daarenboven moet België in 2017 de Vierde Anti-witwasrichtlijn omzetten in nationaal recht. Dit zal leiden tot het aanleggen van een centraal register met alle begunstigden van rechtspersonen (aandeelhouders) en trusts (oprichters, trustees, begunstigden en derden die zeggenschap uitoefenen). Dit register kan enkel worden geconsulteerd door financiële autoriteiten, evenals financiële instellingen en andere personen die een legitiem belang kunnen doen blijken wat betreft de begunstigden van rechtspersonen. Hoewel de lidstaten nog tijd hebben om de Vierde Anti-witwasrichtlijn om te zetten, zijn er al verschillende voorstellen op EU-niveau die het gebruik van dit centrale register willen uitbreiden. De Raad heeft op 6 december 2016 een voorstel aangenomen dat de lidstaten ertoe verplicht de belastingautoriteiten toegang te geven tot het register en de erin opgenomen informatie op verzoek uit te wisselen met belastingautoriteiten van andere lidstaten. Een ander voorstel dat een publiek centraal register van begunstigden wou aanleggen, werd intussen gewijzigd, waarbij het nu aan het oordeel van de lidstaten is overgelaten om het centrale register al dan niet publiek toegankelijk te maken. In dit debat is uiteraard de bescherming van de privacy een heikel punt.


Zoals vermeld is de CRS binnen de EU van toepassing op alle financiële rekeningen met ingang van 1 januari 2016. De eerste informatie-uitwisseling op internationaal niveau zal plaatsvinden in september 2017. Bijgevolg zullen de belastingautoriteiten in 2017 een enorme hoeveelheid nieuwe financiële informatie met betrekking tot buitenlandse rekeningen van hun inwoners ontvangen. Ook het centrale register zal snel van kracht zijn.


Het is te verwachten dat de belastingautoriteiten van deze informatie gebruik zullen maken om een vermogenscontrole uit te voeren met betrekking tot bepaalde belastingplichtigen, vooral in gevallen waar aanzienlijke financiële instrumenten worden aangehouden in het buitenland. Daarom is het de belastingplichtigen aangeraden zich op deze controles voor te bereiden. In sommige gevallen kan het eenvoudigweg om schriftelijke vragen gaan, maar in andere gevallen zal dit ongetwijfeld een onaangekondigde fiscale visitatie door de Bijzondere Belastinginspectie met zich meebrengen.

  

Wet van 16 december 2015 tot regeling van de mededeling van inlichtingen betreffende financiële rekeningen, door de Belgische financiële instellingen en de FOD Financiën, in het kader van een automatische uitwisseling van inlichtingen op internationaal niveau en voor belastingdoeleinden, BS 31 december 2015.

Gepubliceerd op 16-02-2017

  301