Insolventie van ondernemingen

Sinds mei 2018 is het nieuwe insolventierecht van kracht. De WCO en de Faillissementswet werden gemoderniseerd en in het Wetboek van economisch recht ingevoegd in Boek XX. In navolging van hun vorige publicaties over de Faillissementswet geven Eddy Van Camp en Ilse Mertens duiding bij de nieuwe wet.

 

Gepubliceerd op 04-07-2018

Nieuwe wet en een nieuw boek. Nodig?

bpnwpvbi17063-1

Het ene volgt natuurlijk uit het andere. En de digitalisering doet zijn intrede. Overigens is het een nieuw en ruimer speelveld met aangepaste terminologie. Studeren dus. Ons boek lijkt ons een praktisch instrument om de nieuwe wet te ontmoeten. Er is niet alleen de wettekst maar daarenboven wordt bij ieder artikel de verantwoording van de wetgever aangehaald zodat de bedoelingen worden verduidelijkt.

Nieuw speelveld?

De nieuwe faillissementswet, – spreek voortaan over insolventiewet – bestrijkt niet alleen de vroegere handelaars en kooplieden. Maar evenzo de vrije beroepen (dokters, advocaten, architecten…) en dit alles onder het omvattende begrip ‘ondernemers en ondernemingen’. Bijzondere voorzieningen voor de eerbiediging van hun deontologie en hun beroepsgeheim. De WCO en de faillissementen worden eenvormig samengebracht in het wetboek van economisch recht (WER deel XX). Ook de VZW en de verenigingen worden geviseerd.

En wat bedoelt u met ‘digitalisering’?

De papieren dossiers op de griffie van de rechtbank van koophandel – pardon, thans genoemd insolventierechtbanken – worden vervangen door een digitaal platform genaamd ‘Regsol’. Alle acteurs in het insolventiegebeuren worden verplicht daarvan gebruik te maken, zowel voor de aangifte van faillissement als het indienen van schuldvorderingen en het raadplegen van het insolventiedossier. Er zijn uitzonderingen. Taken van de griffies worden doorgeschoven naar de curatoren.

Als ik het goed begrijp zal het aantal faillissementen fors toenemen.

Dat kan, maar de wetgever heeft het instrumentarium van de kamers voor handelsonderzoek, – pardon, thans de ‘kamers voor ondernemingen in moeilijkheden’ – fors uitgebreid met name ook op het domein van de informatieverzameling met de bedoeling faillissementen te voorkomen. Meerdere en diverse instanties dienen deze kamer te informeren over alles wat de continuïteit van de onderneming in gevaar zou kunnen brengen. De kamers zelf breiden hun onderzoeksmogelijkheden uit. Aldus verwacht men dat men sneller zal kunnen ingrijpen met diverse maatregelen ter bescherming van de onderneming en tevens van de schuldeisers.

Meer toezicht dus. En meer hulp voor de ondernemingen.

In zekere zin. Bijvoorbeeld: de cijferberoepen als externe accountants, boekhouders, fiscalisten… moeten de onderneming schriftelijk waarschuwen voor dreigende discontinuïteit op termijn. De ondernemers dienen zich binnen de maand te verantwoorden en gepaste maatregelen te doen kennen. En deze cijferberoepen kunnen, met vrijstelling van het beroepsgeheim, de rechtbank informeren. Het is niet geheel nieuw, maar wel degelijk gewijzigd.

En wat met de advocatuur in dit gebeuren?

Niet weinig nieuwe uitdagingen. Het verklaart mede de vele seminaries en rechtsleer op het terrein. Ook omdat natuurlijk de nieuwe materies dienen ingevuld in de praktijk en een noodzakelijk pragmatisme. Een uitdaging voor de rechtspraak die zich hierbij zal ontwikkelen en de noodzaak voor de advocatuur zich te wapenen. Vooral op het domein van de advisering van de diverse betrokkenen mag men werk verwachten.

En jullie nieuw boek biedt de gepaste hulp.

Dat denken we inderdaad en we stellen vast dat er trouwens een grote belangstelling is. Niet alleen van advocaten maar ook van bedrijfsjuristen, het notariaat, bij allerhande verenigingen en ook in de academische wereld. Waar het tevens artikelsgewijze de bedoelingen van de wetgever weergeeft is het verhelderend.

En niet vergeten dat dit alles zich afspeelt binnen een nieuw juridisch landschap van gefusioneerde arrondissementele rechtbanken, nieuwe vennootschapswetgeving en roerende zekerheden.

Overigens werd ook aandacht besteed aan de aanpassingen van het insolventierecht aan he Europees recht.

  235