Aansprakelijkheid bestuurders

Frederic HelsenFrederic Helsen schreef een bijdrage over de aansprakelijkheid van bestuurders voor Faillissement & Reorganisatie (FARE) (afl. 58 - te verschijnen). Naar aanleiding van deze publicatie met als titel "De aansprakelijkheidsvordering tegen bestuurders/zaakvoerders na discontinuïteit" gaf de auteur een kort interview.

Er komen steeds meer uitzonderingen op de beperking van aansprakelijkheid binnen volkomen rechtspersonen. Heb je hier een verklaring voor?

De beperkte aansprakelijkheid van bepaalde vennootschapsvormen is natuurlijk een machtig wapen. Of het nu opzettelijk gebeurt, of door meer onschuldige vormen van nalatigheid, de gevolgen blijven dezelfde. Een dergelijke vennootschap kan leiden tot enorme schuldenbergen, terwijl de verantwoordelijken buiten schot blijven. Dit gegeven, en enkele spraakmakende misbruiken uit het verleden hebben dan ook geleid tot een toegenomen vraag naar responsabilisering en uitbreiding van corporate governance.


De bijzondere aansprakelijkheidsgronden voor bestuurders die je omschrijft in je artikel lijken soms bijzonder disparaat. Kan je bepaalde krachtlijnen omschrijven die het geheel wat meer structuur geven?


Het is een cliché dat het minimumkapitaal, en breder gezien de kapitaalsbeschermingsregels, de 'losprijs' zijn voor de beperking van aansprakelijkheid, maar het is wel een nuttige metafoor. Een eerste rode draad doorheen de aansprakelijkheidsregels is namelijk dat deze dienen als middel om de regels voor kapitaalsbescherming af te dwingen. De regels die ertoe strekken een voldoende startkapitaal te verzekeren, de werkelijke plaatsing van het kapitaal en de correcte waardering van inbrengen in natura, de alarmbelprocedure, … worden onder andere afgedwongen door het aansprakelijk stellen van de oprichters of bestuurders.

Een tweede belangrijke krachtlijn is het beschermen van publieke schuldeisers, simpel gesteld de fiscus en de sociale zekerheid. Deze schuldeisers kunnen geen zekerheden bedingen of leveringen opschorten zoals veel gewone private schuldeisers. Daarom gelden er bijzondere aansprakelijkheidsgronden voor bestuurders die systematisch vennootschappen gedurende korte tijd gebruiken om winsten te boeken, en vervolgens failliet te laten gaan met een berg aan fiscale en parafiscale schulden.

Meer algemeen zijn er dan nog de regels die al te onzorgvuldig gedrag afstraffen, in het bijzonder in de nabijheid van insolventie van de onderneming, omdat natuurlijk op dat moment de beperking van aansprakelijkheid maar echt problematisch wordt. Zo zijn er de algemene zorgvuldigheidsnorm, de sancties voor laattijdige aangifte van het faillissement en voor het voortzetten van een deficitaire activiteit.

De regels voor het aansprakelijk stellen van bestuurders zijn over het algemeen vrij restrictief, opgebouwd rond marginale toetsingsnormen en heel specifieke, verregaande voorwaarden. Hebben deze instrumenten voldoende scherpe tanden om echt nuttig te zijn, en de bijkomende complexiteit die ze creëren te verantwoorden?

Men moet hier natuurlijk een moeilijke afweging maken; het kan niet de bedoeling zijn dat bestuurders aan de lopende band aansprakelijk gesteld worden telkens een onderneming in de problemen komt. Het beperken van de persoonlijke risico’s waar ondernemers aan blootgesteld worden is net één van de hoekstenen van de volkomen rechtspersoon. Deze aansprakelijkheidsregels dienen als stok achter de deur voor mochten bestuurders in de verleiding komen deze vennootschapsvormen te gaan misbruiken, maar ook alleen voor die gevallen. Het is belangrijk dat we de volgorde van onze prioriteiten niet uit het oog verliezen: eerst ondernemen mogelijk maken, dan de rotte appels weren.



Bron: Frederic HELSEN, "De aansprakelijkheidsvordering tegen bestuurders/zaakvoerders na discontinuïteit", FARE, afl. 58, II.G.20. (Te verschijnen)

De volledige tekst vindt u in Faillissement & Reorganisatie (FARE). Klik hier voor meer informatie over Faillissement & Reorganisatie (FARE), alsook voor de abonnementsvoorwaarden.

Op Jura vindt u meer rechtsleer over aansprakelijkheid van bestuurders.


Gepubliceerd op 10-05-2017

  341