Nieuwe bankentaks vervangt bestaande taksen en bijdragen

Een wet van 3 augustus 2016 voert één nieuwe jaarlijkse taks op de kredietinstellingen in, in het Wetboek diverse rechten en taksen. Deze taks vervangt de bestaande jaarlijkse taksen, de aftrekbeperkende maatregelen in de vennootschapsbelasting (beperking van de aftrek van overgedragen verliezen, van de DBI-aftrek en van de notionele interestaftrek), en de bijdragen voor de financiële stabiliteit.


Christine Van Geel

Bestaande jaarlijkse taksen en bijdragen

Tot vóór de invoering van de nieuwe eengemaakte bankentaks moesten de kredietinstellingen volgende taksen en bijdragen betalen:

  • de jaarlijkse taks op de collectieve beleggingsinstellingen, de zgn. abonnementstaks (W.Succ.);
  • de jaarlijkse taks op de kredietinstellingen (WDTR);

- de beperking in de vennootschapsbelasting van de aftrek van overgedragen verliezen, van de DBI-aftrek en van de notionele interestaftrek ( art. 207, vierde tot achtste lid, WIB 1992);
  • de bijdrage voor de financiële stabiliteit (aan het Belgisch resolutiefonds)
  •  de bijdrage aan het Depositogarantiestelsel (DGS);
  • de ESRF-bijdrage (het European Single Resolution Fund).


Alle bovenstaande taksen en bijdragen, met uitzondering van de DGS- en de ESRF-bijdrage, worden nu vervangen door de eengemaakte bankentaks. Voorlopig blijft de abonnementstaks voor de verzekeringsmaatschappijen en voor de collectieve instellingen nog bestaan.

Tarief en betaling nieuwe bankentaks

Het tarief van de nieuwe (eengemaakte) bankentaks bedraagt 0,13231% (wijziging art. 201(12), WDTR).
De kredietinstellingen - zowel Belgische kredietinstellingen als vaste inrichtingen van buitenlandse inrichtingen (zowel EU-landen als derde landen) – zijn de taks verschuldigd op het gemiddeld bedrag van hun schulden tegenover cliënten in het jaar voorafgaand aan het aanslagjaar.
Het ‘gemiddeld bedrag van de schulden van de kredietinstelling tegenover cliënten’ is het rekenkundig gemiddelde van de bedragen die op het einde van iedere maand van het bedoelde jaar volgens de voorschriften van de Nationale Bank van België in het kader van de territoriale rapportering moeten worden vermeld op lijn 229 in tabel 00.20 ‘Schulden tegenover cliënten’ (kolom 05, Totaal bedrag) van het Schema A.

De taks is opeisbaar op 1 januari van elk jaar en voor de eerste keer op 1 januari 2016. Hij moet betaald zijn uiterlijk op 1 juli van elk jaar.
Voor dit eerste aanslagjaar krijgen de kredietinstellingen echter de tijd tot 15 november 2016 om de taks te betalen.
De belastbare grondslag voor het aanslagjaar (= inningsjaar) 2016 wordt berekend op de situatie per 31 december 2015. Er moet dus voor het aj. 2016 geen ‘gemiddelde van de schulden van de kredietinstelling tegenover cliënten’ worden genomen.

Als de taks niet binnen de voorgeschreven termijn werd betaald, dan is de wettelijke interest, volgens het percentage in burgerlijke zaken, van rechtswege verschuldigd met ingang van de dag waarop de betaling had moeten gebeuren.
Voor de berekening van de interest wordt elke fractie van een maand gerekend als een volle maand.

Geen nieuwe bankentaks voor…

De nieuwe jaarlijkse taks is niet van toepassing op de vennootschappen die de Koning heeft erkend als ‘centrale depositaris voor financiële instrumenten’, of die een vergunning hebben als met vereffeningsinstelling gelijkgestelde instelling (nieuw art. 201(12)/1, WDRT; ingevoerd door art. 4, wet van 3 augustus 2016).

In werking

De nieuwe bankentaks is van toepassing vanaf het aanslagjaar (= inningsjaar) 2016.
De beperking in de vennootschapsbelasting van de overgedragen verliezen, de DBI-aftrek en de notionele interestaftrek worden afgeschaft vanaf het aanslagjaar 2017.
De maatregel moet dus nog worden toegepast voor de Ven.B-aangifte aj. 2016. En hij blijft ook bestaan voor de verzekeringssector (art. 207, zevende en achtste lid, WIB 1992).

Overgangsmaatregelen

De kredietinstellingen mogen de reeds voor 2016 betaalde ‘oude’ taksen en de voor 2016 betaalde bijdrage voor het fonds voor de financiële stabiliteit in mindering brengen van het in 2016 te betalen bedrag aan nieuwe taks.

Wet van 3 augustus 2016 tot invoering van een nieuwe jaarlijkse taks op de kredietinstellingen in de plaats van de bestaande jaarlijkse taksen, van de aftrekbeperkende maatregelen in de vennootschapsbelasting en van de bijdrage voor de financiële stabiliteit, BS 11 augustus 2016.

Zie ook:
– Wetboek diverse rechten en taksen (WDTR) ( art. 201(10), art. 201(11), art. 201(12), art. 201(12)/1 en art. 201(13))
– Wetboek der Successierechten (Vlaams Gewest) (W.Succ.(Vl.)) (art. 161, 4°, art. 161bis en art. 161ter, 2° en 4°)
– Wetboek van de Inkomstenbelastingen (WIB 1992) (art. 205, § 3, art. 207, art. 239/1 en art. 536, vijfde lid)

Gepubliceerd op 25-08-2016

  910