Wijziging huwelijksvermogensrecht: knelpunten en oplossingen

Gepubliceerd op 19-11-2018

Met de Wet van 22 juli 2018 tot wijziging van het Burgerlijk Wetboek en diverse andere bepalingen wat het huwelijksvermogensrecht betreft en tot wijziging van de wet van 31 juli 2017 tot wijziging van het Burgerlijk Wetboek wat de erfenissen en de giften betreft en tot wijziging van diverse bepalingen terzake (BS 27 juli 2018) wilde de wetgever de regels van het wettelijk huwelijksvermogensstelsel (waarvan de basisprincipes werden behouden) verfijnen, enkele onvolkomenheden aan het voormalige secundaire huwelijksvermogensrecht aanpassen en het stelsel van scheiding van goederen duidelijker omkaderen. Daarnaast werd getracht een nieuw evenwicht te zoeken in het huwelijksvermogensrecht en het erfrecht voor wat betreft de positie van de langstlevende echtgenoot.

beeld-divide-artikel

Wat betreft het wettelijk huwelijksvermogensstelsel wilde de wetgever (in hoofdorde) een oplossing bieden aan drie specifieke knelpunten, meer bepaald de huwelijksvermogensrechtelijke regeling van:

  1. de individuele levensverzekeringen;
  2. de schade- en arbeidsongevallenvergoedingen;
  3. de beroepsgoederen, aandelen en cliënteel.

Daarnaast zijn er een aantal kleinere aanpassingen, die in onderhavig artikel niet in globo worden besproken.

Auteur: Kris Wellekens

kris-wellekens

 

Kris Wellekens

Advocaat en bemiddelaar in familiezaken in Gent

 

 

  315