Studentenhuurovereenkomsten

Het sluiten van huurcontracten is na de inwerkingtreding van het Vlaams Woninghuurdecreet sinds 1 januari 2019 een complexe materie geworden, waarin de details een grote rol spelen. Roland Timmermans schreef een boek over specifiek de materie over studentenhuurovereenkomsten. U leest hier een korte samenvatting van de belangrijkste zaken die hij in dit boek behandelt.

Gepubliceerd op 19-06-2019

Naast het inschrijvingsgeld en het studiemateriaal moeten studenten, die niet pendelen, heel wat euro’s besteden aan de kosten van huisvesting van een studentenkamer, een kamer in een gemeenschapshuis of een studentenstudio in een appartementsgebouw.

Voor vele eerstejaarsstudenten is het vinden van een geschikt verblijf een stap in het onbekende, niet alleen omdat hij of zij om een comfortabel en goedkoop kot te vinden moeten afgaan op advertenties, maar ook omdat het sluiten van een huurcontract na de inwerkingtreding van het Vlaams Woninghuurdecreet per 1 januari 2019 een complexe materie geworden is, waarin de details een grote rol spelen.

Nieuw is op de eerste plaats dat een studentenhuurovereenkomst schriftelijk moet worden gesloten en dat dit contract een aantal minimale gegevens moet bevatten, zoals identiteit van de partijen, de begindatum van de huurovereenkomst en de huurprijs.

Voortaan moeten alle kosten en lasten in de huurprijs begrepen zijn, uitgezonderd het verbruik van water, energie en telecommunicatie die afzonderlijk mogen worden aangerekend.

Indien door de verhuurder een huurwaarborg wordt gevraagd, mag deze maximaal twee maanden bedragen.

In het geval dat de huurwaarborg bestaat uit een geldsom, moet hij gestort worden ofwel op een geblokkeerde rekening op naam van de huurder ofwel op een rekening van de verhuurder. De huurwaarborg mag daarentegen niet contant overhandigd worden aan de verhuurder.
Wanneer de studentenhuurovereenkomst effectief gesloten werd, is de registratie van het huurcontract verplicht binnen de 2 maanden na de ondertekening van het contract.

Van groot belang in de nieuwe regeling is ook dat de huurovereenkomst van rechtswege eindigt op de einddatum van het contract. De student moet met andere woorden de huurovereenkomst niet opzeggen.

Stilzwijgende verlenging van het contract is op deze basis uitgesloten. Indien de student het huurcontract met betrekking tot hetzelfde kot wil voortzetten, dan moet hij met de eigenaar een nieuwe huurovereenkomst sluiten.

Een ander belangrijk aandachtspunt is dat de student onder bepaalde voorwaarden de huurovereenkomst eenzijdig kan opzeggen. Zo kan het contract nog vóór de inwerkingtreding ervan kosteloos worden opgezegd, voor zover de opzegging gegeven wordt meer dan drie maanden vóór de aanvang van de overeenkomst. Is de opzegging gegeven minder dan drie maand vóór de inwerkingtreding, dan is een opzeggingsvergoeding van twee maanden huur verschuldigd.

Deze en andere belangrijke nieuwigheden worden grondig uitgediept in het boek ‘De studentenhuurovereenkomst’, zowel voor wat betreft het Vlaams als voor het Brussels en het Waals Gewest, met inbegrip van de onderverhuring voor het geval dat de student door een Erasmusprogramma, stage of specialisatie tijdelijk elders moet verblijven.

Veel aandacht is ook besteed aan de modelovereenkomsten die per gewest gebruikt moeten worden en die de student alarmeren voor eventuele valkuilen. Het boek is dan ook geschikt voor zelfgebruik in de praktijk.

Auteur

Roland Timmermans
Roland Timmermans

Roland Timmermans is advocaat aan de Balie van Leuven. Hij is, naast docent Syntra, hoofdredacteur van het Tijdschrift voor Appartements- en Immorecht en hoofdredacteur van het Tijdschrift Huur.

Daarnaast is hij auteur van verschillende boeken, waaronder het Handboek Appartementsrecht en Inleiding tot het Vlaams Woninghuurdecreet.

  358