De wetten van Asimov en het buitencontractueel aansprakelijkheidsrecht

Narmeen Al Ganim en Jan De Bruyne onderzoeken of de wetten van Asimov een rol kunnen spelen bij de vraag of het Belgisch buitencontractueel aansprakelijkheidsrecht aan de realiteit van robots is aangepast. Een dergelijke analyse is van belang om te bepalen of deze wetten kunnen worden gebruikt als conceptueel denkkader voor beleidsvoorstellen. Hun bijdrage is op 20 mei 2020 verschenen in aflevering 422 van het Nieuw Juridisch Weekblad (NjW).

Gepubliceerd op 20-05-2020

robot

Een rechtstak die daarbij over het algemeen veel aandacht krijgt is het buitencontractueel aansprakelijkheidsrecht en vooral de productaansprakelijkheid. De vraag stelt zich meestal of het bestaande juridische kader en de traditioneel gebruikte concepten aan deze technologische evoluties zijn aangepast, en welke veranderingen desgevallend nodig zijn. In deze bijdrage onderzoeken de auteurs in welke mate de in de literatuur ontstane wetten van Asimov over robots een rol kunnen spelen bij het vinden van een antwoord op deze vraag.

In de buitenlandse rechtsleer en in een door het Europees Parlement gevraagde studie over robots en aansprakelijkheid werd het belang van de wetten van Asimov al meermaals benadrukt. De vier wetten van Asimov zijn (fictieve) gedragsregels die in robots worden ingebouwd om te vermijden dat ze schade aan de mens(heid) veroorzaken. In dit artikel staan Narmeen Al Ganim en Jan De Bruyne stil bij de oorsprong van de wetten van Asimov om nadien hun toepassing te bekijken. De analyse toont aan dat de Wetten van Asimov vaag en onvolledig zijn. Bovendien zijn er verschillende achterpoortjes waardoor ze niet altijd eenvoudig door robots kunnen worden nageleefd.

Ondanks deze bevindingen blijft het een interessante conceptuele denkoefening om na te gaan in welke mate beleidsmakers en/of juristen deze wetten kunnen gebruiken bij de evaluatie van het buitencontractueel aansprakelijkheidsrecht en/of als basis voor mogelijke aanbevelingen in de context van robots. De auteurs toetsen de wetten van Asimov dan ook aan enkele concepten uit het Belgisch buitencontractueel aansprakelijkheidsrecht, namelijk het foutbegrip, de causaliteit en enkele concepten uit de productaansprakelijkheid.

De analyse toont aan dat er verschillende mismatchen zijn tussen de wetten van Asimov en de verschillende concepten uit het Belgisch buitencontractueel aansprakelijkheidsrecht. De wetten van Asimov blijven dus louter een onderdeel van literaire werken die voor de juridische wereld weinig tot geen (meer)waarde hebben. Het is dan ook niet echt verwonderlijk dat verfijningen en aanvullingen op deze wetten werden gedaan die opnieuw als basis voor verder (juridisch) onderzoek kunnen worden gebruikt.

De auteurs

Narmeen Al Ganim is LL.M. Law & Technology aan de Universiteit van Tilburg.

Jan De Bruyne is Senior onderzoeker verbonden aan het Kenniscentrum Data & Maatschappij, postdoctoraal onderzoeker en docent e-contracts aan het KUL Center for IT & IP Law (CiTiP) en postdoctoraal onderzoeker aan de Faculteit Recht en Criminologie van de UGent.

al-ganim-narmeen
Narmeen Al Ganim
de-bruyne-jan
Jan de Bruyne
  202