Bescherming en bewind voor meerderjarigen

Mosselmans SvenVan Thienen AnnetteSven Mosselmans en Annette Van Thienen schreven voor het Tijdschrift voor Familierecht (T.Fam.) een bijdrage over de wet van 17 maart 2013. Deze wet voert een nieuw beschermingsstatuut in voor wilsonbekwame meerderjarigen. Hierna vindt u een samenvatting van deze bijdrage.

Lees het volledige artikel op Jura.

De wet van 17 maart 2013 tot hervorming van de regelingen inzake onbekwaamheid en tot instelling van een nieuwe beschermingsstatus die strookt met de menselijke waardigheid herdenkt de regeling met betrekking tot wilsonbekwame meerderjarigen. De nieuwe regeling houdt een nieuwe denkrichting in. Naast de aandacht voor de autonomie en omgeving van de te beschermen persoon, wordt de bescherming uitgebreid. Daar waar de bestaande beschermingsstatuten (voorlopig bewind, verlengde minderjarigheid, gerechtelijke onbekwaam verklaring en bijstand van een gerechtelijk raadsman) veeleer waren gericht op de bescherming van het vermogen, behelst de bescherming nu evengoed de persoon.

Omdat de wetgever zich voor het nieuwe statuut sterk liet inspireren door de regeling van het voorlopig bewind, is het verleidelijk om enkel het gekende gedachtegoed van het voorlopig bewind een verruimde invulling te geven zodat dit ook betrekking heeft op de persoon en dat dan te beschouwen als ‘de nieuwe regeling’. Nochtans heeft de wetgever een verruiming voor ogen die breder is dan dat.

Buitengerechtelijke en rechterlijke bescherming
De nieuwe regeling is van toepassing op meerderjarigen die door hun gezondheidstoestand of door hun staat van verkwisting bescherming behoeven. De bescherming kent twee verschijningsvormen: de buitengerechtelijke bescherming en de rechterlijke bescherming.

Een buitengerechtelijke bescherming behelst een gemeenrechtelijke lastgeving die (ook) gericht is op de bescherming van de lastgever indien deze in een toestand komt die bescherming noodzaakt. De beschermde persoon blijft bekwaam.

Enkel voor zover de buitengerechtelijke bescherming niet volstaat, is het aan de orde om de beschermde persoon daadwerkelijk onbekwaam te verklaren en in een rechterlijke bescherming te voorzien. Deze behelst dan het verbod (met sanctieregeling) om zelf of zelfstandig deel te nemen aan het rechtsverkeer en impliceert zodoende een wils- en handelingsonbekwaamheid. De handelingen waarvoor de beschermde persoon onbekwaam wordt verklaard, worden zo beperkt mogelijk gehouden. De bekwaamheid geldt als regel, terwijl de onbekwaamheid geldt als uitzondering.

De bescherming bestaat in een lastgeving, een onbekwaam verklaring of een combinatie van beide.

Bewind
Daar waar rechterlijke bescherming het negatieve of bestraffende aspect van een wils- en handelingsonbekwaamheid uitmaakt, betreft bewind het positieve of ondersteunende aspect. Het uitgangspunt is dat wanneer de vrederechter een rechterlijke bescherming beveelt, hij tezelfdertijd het bewind zal organiseren. Een regime van bijstand krijgt daarbij voorrang boven een regime van vertegenwoordiging.

Het is echter niet omdat een bescherming tussenkomt, dat zij (integraal) door een bewind wordt gedekt. Dat is immers de essentie van de buitengerechtelijke bescherming. Maar ook de rechterlijke bescherming kan tussenkomen zonder dat aan de handelingen die onder de onbekwaam verklaring vallen een bewind beantwoordt. Voor sommige handelingen is het optreden van een bewindvoerder zelfs niet mogelijk, zodat een en ander zich noodzakelijkerwijze beperkt tot een bescherming die erin bestaat dat de beschermde persoon niet (meer) kan optreden in het rechtsverkeer.
 
Besluit
Het staat buiten kijf dat de besproken wet van 17 maart 2013 een forse stap in de goede richting is. Het is een nobele bedoeling om een alomvattend kader te brengen, waarbinnen op maat kan worden gewerkt. Dit leidt echter mogelijk tot complexe situaties.


Sven Mosselmans is raadsheer in het hof van beroep te Gent en academisch consulent (UGent).
Annette Van Thienen is advocaat en praktijkassistent (UGent).

Bron: Sven MOSSELMANS en Annette VAN THIENEN, "Bescherming en bewind voor meerderjarigen. Commentaar bij de wet van 17 maart 2013", T.Fam. 2014, afl. 3-4, 60-96.

De volledige tekst vindt u in het Tijdschrift voor Familierecht (T.Fam.). Klik hier voor meer informatie over het Tijdschrift voor Familierecht (T.Fam.), alsook voor de abonnementsvoorwaarden.

U kunt de tekst van Sven Mosselmans en Annette Van Thienen ook integraal lezen via Jura.
Op Jura vindt u meer rechtsleer over bescherming en bewind voor meerderjarigen.



Gepubliceerd op 07-05-2014

  469