Zwemmen of verzuipen: innovatie bij advocaten en bedrijfsjuristen

Op 20 november vierde het Instituut voor Bedrijfsjuristen de 25e editie van de Dag van de Bedrijfsjurist. Het thema dit jaar was innovatie. Innovatie voor bedrijfsjuristen en innovatie voor advocaten, hoe ziet dat eruit? De Juristenkrant ging het vragen aan Barend Blondé en Kristof Macours, die daarover kwamen spreken op de Dag van de Bedrijfsjurist. Blondé komt als management consultant bij vele kantoren en heeft een algemeen beeld van hoe de advocatuur georganiseerd is. Macours is Head of Legal Department van BNP Paribas Fortis. ‘Je kunt innovatie voor de advocatuur en voor legal departments niet van elkaar scheiden.’

Annelien Keereman

Dit is een fragment uit het volledige interview. Dat kunt u lezen in De Juristenkrant (nr. 298 van 19 november 2014) of via Jura.be 

BAREND BLONDÉ
Om onmiddellijk met de deur in huis te vallen: zijn advocaten innovatief?

Barend BLONDÉ: ‘Het cliché dat het een weinig innoverend beroep is, klopt wel wat. In België beweegt er al bij al relatief weinig, maar hier en daar begint het nu wat te borrelen. In het Verenigd Koninkrijk daarentegen is er veel aan de gang. Revolutionair bijvoorbeeld: men laat er tegenwoordig vreemd kapitaal toe in advocatenkantoren. Men laat alternatieve structuren toe waaronder men ook als advocaat, solicitor, kan werken. Ooit zal dat naar hier overwaaien.’

BarendBlondé1Is het volgens u nodig om in de prijszetting te innoveren?
Blondé: ‘Niet het uurtarief van de advocaat is te hoog, wel de finale factuur. Het kost te veel tijd en geld om tot een resultaat te komen. Bovendien is die eindfactuur onvoorspelbaar. Particulieren denken daarom twee keer na voor ze naar een advocaat stappen. Hetzelfde geldt eigenlijk voor bedrijfsjuristen. Bedrijven verzuipen in juridische regels en de juridische risico’s en kosten nemen toe. De onderneming wordt zich daar bewuster van en klopt vaker bij de interne juridische dienst aan, waardoor die soms niet meer kan volgen. Bedrijfsjuristen worstelen vandaag meer met het volume aan werk dan met de complexiteit van het werk. Mede door het uurtarief zijn advocaten zelden een oplossing om grote volumes werk tegen een efficiënte kostprijs te verwerken. Innovatie en technologie zullen hier de komende jaren een belangrijke rol spelen.’

Wat moeten advocaten dan doen om te innoveren?
Blondé: ‘Om te beginnen: strategisch leren denken en beslissen. Waar willen we het verschil maken? Het grootste gevaar voor advocaten is niet durven kiezen, maar als ze niet kiezen, dan zullen anderen - accountants, buitenlandse spelers… - de keuze voor hen maken. Ze moeten dus een strategie hebben.

KRISTOF MACOURS
Zijn bedrijfsjuristen bezig met innovatie?
Kristof MACOURS: ‘Je merkt dat het debat leeft, je kunt innovatie voor de advocatuur en voor legal departments niet van elkaar scheiden. De legal departments kunnen een motor voor innovatie bij advocaten zijn, wij zetten advocaten aan tot innovatie. In de VS wordt het debat gestuurd door legal consultants en door juridische IT-providers die heel actief zijn op Twitter, via blogs en op andere fora. Ze focussen heel erg op de technologische innovatie, maar ook op organisatieaspecten. Ook in het Verenigd Koninkrijk is men daar sterk mee bezig: de Financial Times bijvoorbeeld brengt elk jaar een bijlage over innovative lawyers uit, ze is net verschenen in oktober. Op het continent begint het nu ook te leven.’

KristofMacours1Hoe verhoudt de bedrijfsjurist zich dan tot de advocaat?
Macours: ‘De relatie tussen de advocaat en de bedrijfsjurist is meer matuur geworden, professioneler, objectiever. De keuze om wel of niet een beroep te doen op een advocaat zit nu bij de bedrijfsjuridische dienst zelf, vroeger zat die keuze bij de CEO of de CFO. En daarvoor heeft onze dienst panels op basis van een tender. Per rechtsdomein - litigation, intellectueel eigendomsrecht, privacy, M&A… - hebben we een ander panel van kantoren met wie we samenwerken, en dan ook alleen met één van hen. Dat panel stellen we om de zoveel tijd opnieuw samen. De prijszetting is niet de enige doorslaggevende reden om met een bepaald kantoor te werken, de keuze is geobjectiveerd op basis van criteria: financiële, precedenten, eerdere ervaringen, samenstelling van het team, structurering van de fees…’

De fees: werken advocatenkantoren nog altijd voornamelijk met uurtarieven?
Macours: ‘Tot nu toe wel. En daardoor is het moeilijk te vergelijken. Voor hetzelfde type werk betaal je soms een ander bedrag: je betaalt nog steeds voor de input, niet voor de output. Sommige kantoren werken ook met caps of met fixed fees, maar eigenlijk zijn die fixed fees ook berekend op een aantal uren. Soms krijg je wel korting, en sommige kantoren werken wel eens met abonnementssystemen waarbij ze 1 of 2 dagen per week op kantoor komen voor een flat fee. Als onderneming worden we ook wel mondiger. We dringen aan op efficiëntie en willen de juiste mensen, om overbilling te vermijden. Als we kiezen voor een bepaald kantoor uit ons panel, verwachten we ook dat ze wel eens een in house training komen geven. Met het kantoor waarmee we samenwerken willen we ook de samenwerking verstevigen: we willen hecht samenwerken, daarbij hoort het delen van know how en bijvoorbeeld de toegang tot secured portals… De druk die legal departments op de advocatuur zetten, zal hen dwingen om te innoveren. Zeker omdat ze zien dat collega’s het doen.’

Dit is een fragment uit het volledige interview. Dat kunt u lezen in De Juristenkrant (nr. 298 van 19 november 2014) of via Jura.be 

Gepubliceerd op 21-11-2014

  185