Staatsrechtelijke positie van en controle op Comité P

Stas KurtIn het Tijdschrift voor Bestuurswetenschappen en Publiekrecht (afl. 2015/10) is een bijdrage verschenen van de hand van Kurt Stas over de staatsrechtelijke positie van en de controle op het Vast Comité van Toezicht op de politiediensten, ook wel Comité P genoemd. Dit comité is het extern controleorgaan op de politiediensten. Hierna vindt u een samenvatting van deze bijdrage.

De doelstelling van het Comité P is fundamenteel in een rechtsstaat. Het Comité P kijkt er namelijk op toe dat de politiediensten bij het uitvoeren van hun taken de rechten en vrijheden van de burgers in België respecteren. Zijn taak is hiertoe niet beperkt. Het Comité P kijkt eveneens toe op de doelmatigheid en coördinatie van deze diensten. Het draagt op deze wijze impliciet bij tot het vertrouwen in de politiediensten dat noodzakelijk is in een democratische samenleving.

In dat kader wordt vooreerst nagegaan wat de staatsrechtelijke positie van het Comité P is en vervolgens op welke wijze de controle geschiedt op het Comité P. Opdat de staatsrechtelijke positie van het Comité P zou kunnen worden geanalyseerd wordt ook een overzicht gegeven van de oprichting, de opdrachten en de organen van het Comité P.

Het Comité P kreeg via de Toezichtswet een wettelijke grondslag om zijn externe controlebevoegdheid op de politiediensten uit te oefenen. Deze wettelijke basis kwam er naar aanleiding van een parlementaire onderzoekscommissie die belast werd met het onderzoek naar de wijze waarop de bestrijding van het banditisme en het terrorisme georganiseerd wordt.

Hoewel de initiële opdrachten van het Comité P oorspronkelijk waren opgenomen in de Toezichtswet, is zijn takenpakket door de jaren heen uitgebreid – al dan niet via andere wetgeving – naar een bijkomend toezicht op andere diensten zoals de veiligheidsdiensten van De Lijn, de MIVB en Securail.

Deze evolutie heeft als gevolg dat er onduidelijkheid kan rijzen omtrent de rechtspositie van het Comité P. Uit de analyse volgt evenwel dat het Comité P een instelling is die hoofdzakelijk ter beschikking staat van verschillende overheidsdiensten (het parlement, de uitvoerende macht en haar administratieve diensten, en de gerechtelijke overheden) die belast zijn met het waarborgen van de veiligheid van de burgers en die elk binnen hun eigen bevoegdheidssfeer toezicht uitoefenen op de politiediensten.

Vervolgens rijzen de vragen op wie en op welke wijze er controle op het Comité P wordt uitgeoefend en de vraag of deze controle toereikend is.

Het is alvast een vaststelling dat het Vast Comité P het gezag over de hele instelling uitoefent met uitzondering van de strafonderzoeken die onder de bevoegdheid ressorteren van de gerechtelijke overheden.

Dan rest enkel nog de vraag wie controle uitoefent op het Vast Comité P.

De Kamer heeft een bijzondere commissie ingesteld die belast is met de parlementaire begeleiding van het Vast Comité van Toezicht op de politiediensten. Deze commissie oefent de uiteindelijke controle uit op de werking, ziet toe op de inachtneming van de bepalingen van de Toezichtswet en van de huishoudelijke reglementen.

Hoewel de wetgever de voorkeur had gegeven aan een openbaarheid vanuit het Comité P blijkt niettemin dat de controle op het Comité P voornamelijk gebeurt in de meeste geheimhouding en slechts uitzonderlijke een openbaarheid plaatsvindt.
Nochtans is de taakstelling van het Comité P niet onbelangrijk voor onze democratische maatschappij waardoor er ook een noodzakelijke democratische publieke controle moet kunnen plaatsvinden op deze instelling. Hiertoe worden enkele aanpassingen voorgesteld aan de Toezichtswet en het reglement van de Kamer van Volksvertegenwoordigers zodat onder meer de problemen inzake de verantwoording en de openbaarheid worden aangepakt. Dit kan enkel maar leiden tot meer vertrouwen in het Comité P en zijn werking en zijn legitimiteit.



De auteur is advocaat.

Bron: Kurt STAS, “De staatsrechtelijke positie van en de controle op het Comité P”, TBP 2015, afl. 10, 555-579.

De volledige tekst vindt u in het Tijdschrift voor Bestuurswetenschappen en Publiekrecht (TBP). Klik hier voor meer informatie over het Tijdschrift voor Bestuurswetenschappen en Publiekrecht (TBP), alsook voor de abonnementsvoorwaarden.

Op Jura vindt u meer rechtsleer over het Comité P.


Gepubliceerd op 06-01-2016

  131