Patrick Hofströssler over rapport modernisering advocatuur: 'Advocaten kunnen leren van garagisten en artsen’

‘Een advocaat moet een tijger zijn: het meest onafhankelijke en meest strijdvaardige dier. Maar bovenal schrander.’ Patrick Hofströssler heeft een scherpe visie op de advocaat van de toekomst. Samen met confrater Patrick Henry, voormalig voorzitter van de OBFG, schreef hij een lijvig rapport in opdracht van de minister van Justitie. ‘De negentiende eeuw, waarin ons beroep nog de motor van verandering was, ligt ver achter ons. In België staat innovatie vandaag niet hoog op de agenda. Tijd om daar verandering in te brengen,’ vertelde hij aan De Juristenkrant.

Gepubliceerd op 15-03-2018

Bart Aerts
Zelfstandig journalist
patrick-hofstro-êssler-2
Patrick Hofströssler - (c) Wouter Van Vaerenbergh

[...]

‘De laagdrempeligheid die lange tijd ons gerechtelijk apparaat heeft gekenmerkt, heeft de advocatuur ertoe gebracht intensief in te zetten op geschillenbeslechting en niet zozeer op de vermijding ervan. De traditionele rol van de advocaat was die van tussenpersoon om een bestaand conflict aan het oordeel van de overheid te onderwerpen. Onze beroepsbeoefenaars zijn veel te goed en veel te belangrijk in de samenleving om zich nu te laten verwijten dat zij niet meer oplossingsgericht kunnen werken.’

[...]

‘De technologische evolutie is zo ver gevorderd dat ons land, als het niet snel reageert, kan worden overspoeld door applicaties die elders werden ontwikkeld door spelers die noch de roeping, noch de garanties hebben die eigen zijn aan ons beroep. Daarom lanceert dit rapport de idee om zonder dralen het ‘Belgisch Instituut voor de Ontwikkeling van Juridische Artificiële Intelligentie’ op te richten. De advocatuur moet mee de rechtsbewaker van de digitale rechtstaat zijn. Die kans mogen wij niet laten liggen.’

[...]

‘Om de advocaat toe te laten het professioneel centrum te worden van de begeleiding en oplossing van de juridische behoeften van zijn cliënten, moet de advocaat toegelaten worden om met andere professionele actoren, de juridische actoren in de eerste plaats, structureel samen te werken. Het klopt dat het niet eenvoudig is om statuten zoals die van notarissen en deurwaarders, die openbare ambtenaren zijn, en die van advocaten en boekhouders, die zelfstandigen zijn, te verzoenen.’

‘En het klopt ook dat hun respectieve verplichtingen inzake het beroepsgeheim niet identiek zijn. Dat ze belangenconflicten niet op dezelfde manier benaderen, dat de deontologische regels waaraan ze onderworpen zijn vaak belangrijke nuances vertonen. Niettemin moeten we in elk geval toenaderingen aanmoedigen om een gecombineerd dienstenaanbod mogelijk te maken dat beantwoordt aan de behoefte van de rechtzoekenden om een globale dienstverlening te krijgen die het mogelijk maakt een probleem in één keer op te lossen of een project in één keer uit te voeren.’

[...]

  3255