Nieuwe regelgeving op 1 maart 2017

1 maart 2017Wat veranderde er op 1 maart 2017? We zetten een aantal regels voor u op een rijtje.

(foto: Elena Ferrer)

 

 Verblijfsaanvraag indienen vanaf maart aanzienlijk duurder

De vergoeding die vreemdelingen moeten betalen wanneer ze een verblijfsaanvraag indienen in ons land, wordt aanzienlijk opgetrokken. Op 1 maart 2017 stijgt basistarief van 215 naar 350 euro. Een aanvraag tot gezinshereniging en een aanvraag tot status van student kosten voortaan 200 in plaats van 160 euro.

Koninklijk besluit van 14 februari 2017 tot wijziging van het koninklijk besluit van 8 oktober 1981 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen, BS 21 februari 2017.  


Tarieven bedrijfsvoorheffing op inkomsten uit deeleconomie in KB/WIB 1992

Een KB van 12 januari 2017 voegt de tarieven van de bedrijfsvoorheffing (BV) op inkomsten uit de deeleconomie (inkomsten als vermeld in art. 90, eerste lid, 1°bis, WIB 1992) toe aan het KB/WIB 1992.
Deze tarieven zijn van toepassing op de inkomsten betaald of toegekend vanaf 1 maart 2017.

Koninklijk besluit van 12 januari 2017 tot bepaling van de bedrijfsvoorheffing op de inkomsten zoals bedoeld in artikel 90, eerste lid, 1° bis, van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992, BS 19 januari 2017. 

 
Tariferingsdiensten melden soort geneesmiddelenvoorschrift aan ziekenfondsen

Meer en meer artsen werken met elektronische geneesmiddelenvoorschriften, maar papieren voorschriften blijven ook nog mogelijk. Omdat beide soorten voorschriften naast elkaar bestaan, moeten de tariferingsdiensten vanaf 1 maart 2017 aan de ziekenfondsen ook melden welk soort voorschrift is gebruikt: een papieren of een elektronisch.

Koninklijk besluit van 2 februari 2017 tot wijziging van het koninklijk besluit van 15 juni 2001 tot vaststelling van de gegevens inzake te tariferen verstrekkingen die de tariferingsdiensten aan de verzekeringsinstellingen moeten overmaken, BS 20 februari 2017.
Koninklijk besluit van 2 februari 2017 tot wijziging van het koninklijk besluit van 22 januari 2004 tot vaststelling van de gegevens inzake te tariferen verstrekkingen die de verzekeringsinstellingen aan het Rijksinstituut voor ziekte- en invaliditeitsverzekering moeten overmaken, BS 20 februari 2017. 

Vergunning, vrijstelling en vermoeden van openbaar nut voor gasvervoerinstallaties
Met een koninklijk besluit van 1 december 2016 versterkt de federale regering het wettelijk vermoeden van openbaar nut voor gasvervoerinstallaties en versoepelt ze de verplichting om een vervoervergunning te hebben.
De basis daarvoor werd gelegd door een diversebepalingenwet van 8 mei 2014, die gedeeltelijk in werking treedt op 1 maart 2017.

Koninklijk besluit van 1 december 2016 tot wijziging van het koninklijk besluit van 11 maart 1966 tot verklaring van openbaar nut voor het oprichten van gasvervoerinstallaties, ter omschrijving van de nadere regels van het vermoeden van openbaar nut, bedoeld in artikel 8/7 van de wet van 12 april 1965 betreffende het vervoer van gasachtige producten en andere door middel van leidingen, tot wijziging van het koninklijk besluit van 14 mei 2002 betreffende de vervoersvergunning voor gasachtige producten en andere door middel van leidingen, van het koninklijk besluit van 11 maart 1996 betreffende de te nemen veiligheidsmaatregelen bij de oprichting en bij de exploitatie van installaties van gasvervoer door middel van leidingen en tot bepaling van de inwerkingtreding van diverse bepalingen van de wet van 8 mei 2014 houdende diverse bepalingen inzake energie, BS 30 januari 2017.  


Vlaams Rampenfonds werkt volgens nieuwe regels

Vlaanderen is – sinds de zesde staatshervorming - bevoegd voor de vergoeding van de schade die algemene rampen op zijn grondgebied veroorzaken. Het Vlaams Rampenfonds werkte tot nu volgens de regels van het Federaal Rampenfonds. Maar vanaf 1 maart 2017 verandert dat. Het Vlaams Rampenfonds werkt dan volgens eigen Vlaamse regels. De basisregels zijn al eerder vastgelegd in een decreet van 3 juni 2016. De uitvoeringsregels zijn er nu ook.

Besluit van de Vlaamse Regering van 23 december 2016 tot uitvoering van het decreet van 3 juni 2016 betreffende de tegemoetkoming voor schade, aangericht door algemene rampen in het Vlaamse Gewest, BS 13 februari 2017. 


Vlaanderen en Brussel versoepelen termijnen voor periodieke keuring voertuigen

Brussel versoepelt de deadlines voor de periodieke keuring van voertuigen. Vanaf 1 maart 2017 moeten vrachtwagens bijvoorbeeld niet meer halfjaarlijks, maar jaarlijks naar de herkeuring. Een termijn die ook wordt ingevoerd voor de voertuigen waarvoor een ADR-keuringsdocument moet worden afgeleverd.
Vanaf 1 maart 2017 moeten Vlaamse vrachtwagens nog maar 1 keer per jaar gekeurd worden. Nu is dat is nog (minstens) 2 keer per jaar. Daarmee ligt Vlaanderen ver boven het Europees gemiddelde. In heel wat lidstaten geldt immers al langer een jaarlijkse keuringsplicht, het minimum volgens de Europese wetgeving. Onze gewesten slaan nu ook die richting in, nu steeds meer buitenlandse vrachtwagens op onze wegen rijden, waarvoor een soepeler keuringsregime geldt. Vlaanderen wil die situatie nu gelijktrekken.

Besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 9 februari 2017 tot wijziging van het koninklijk besluit van 15 maart 1968 houdende algemeen reglement op de technische eisen waaraan de auto's, hun aanhangwagens en hun veiligheidstoebehoren moeten voldoen, BS 10 februari 2017.
Besluit van de Vlaamse Regering van 20 januari 2017 tot wijziging van het koninklijk besluit van 15 maart 1968 houdende algemeen reglement op de technische eisen waaraan de auto's, hun aanhangwagens, hun onderdelen en hun veiligheidstoebehoren moeten voldoen en het koninklijk besluit van 23 december 1994 tot vaststelling van de erkenningsvoorwaarden en de regeling van de administratieve controle van de instellingen belast met de controle van de in het verkeer gebrachte voertuigen, BS 24 februari 2017. 


Vlaanderen verlaagt vergoeding voor registratie hond 

Zetes Cards, het bedrijf dat instaat voor het uitreiken van identificatiecertificaten aan eigenaars van honden, zal voortaan een lagere vergoeding krijgen. Vanaf 1 maart 2017 kost een identificatiecertificaat 10,46 euro in plaats van 11,64 euro. Een ‘fiche vervanging paspoort’ wordt zelfs volledig gratis. Nu moet daar nog 4,25 euro voor worden neergeteld.

Ministerieel besluit van 7 februari 2017 houdende wijziging van artikel 1 van het ministerieel besluit van 25 april 2014 betreffende de identificatie en registratie van honden, BS 22 februari 2017.  

Gepubliceerd op 03-03-2017

  202