Nieuwe justitiebarometer: tevredenheid van burgers over justitie blijft stabiel

justice comp.jpg61 procent van de Belgische burgers heeft vertrouwen in de werking van justitie. Dat blijkt uit de Justitiebarometer 2014, die de Hoge Raad voor de Justitie heeft voorgesteld. Dat cijfer is nagenoeg een status quo met 2010, toen het 60 procent bedroeg.

De Justitiebarometer 2014 werd telefonisch afgenomen bij 1.511 Belgen, volgens een quotamethode.

Wie een diploma hoger onderwijs heeft of werk dat te maken heeft met justitie, heeft aanzienlijk meer vertrouwen (+ 5, respectievelijk + 9 procent). De doelgroepen die minder vertrouwen in justitie hebben, zijn de 65-79-jarigen (-11%), de respondenten met een diploma hoger secundair onderwijs (-5%), en de eenoudergezinnen (-12%).

76 procent van de respondenten is van mening dat mensen in Belgie een eerlijk proces krijgen. 68 procent meent dat Belgen makkelijk een zaak voor de rechtbank kunnen brengen. Die cijfers zijn vergelijkbaar met de Justitiebarometer 2010. Wat de communicatie betreft, zijn de cijfers heel wat minder gunstig: 60 procent vindt dat justitie onvoldoende communiceert over haar werking. Dat is een verbetering tegenover 2010 met 9 procent, maar het blijft een ruime onvoldoende.

57 procent van de bevolking is tevreden over de algemene werking van justitie. Wie de afgelopen 10 jaar met justitie in aanraking kwam, wijkt daar wel vanaf (-10 procent).
25 procent vindt bovendien dat de werking erop vooruit is gegaan in de afgelopen jaren, 40 procent ziet eerder een status quo (24 procent ziet een verslechtering, 11 procent heeft geen mening). In 2010 was men pessimistischer, blijkt uit de vergelijking.

61 procent vindt de uitspraken rechtvaardig, slechts 37 procent vindt de juridische taal voldoende duidelijk (in 2010 was dat 1 op vier), en een overweldigende 92 procent vindt dat procedures te lang duren.

Over de rechters zijn de Belgen verdeeld: 62 procent vindt dat ze hun dossiers voldoende kennen, 59 procent meent dat rechters in alle onafhankelijkheid recht spreken. Slechts 48 procent vindt dat iedereen gelijk behandeld wordt door de rechtbank. Over deze vragen hadden trouwens opvallend veel respondenten geen mening.
Het parket boezemt meer vertrouwen in: 68 procent vindt dat parketmagistraten hun dossier goed genoeg kennen om een juiste beslissing te kunnen nemen, 61 procent vindt dat ze iedereen gelijk behandelen. 12 procent gaf hierover geen mening.

Een grote meerderheid van de respondenten is voorstander van een beroepsrechter (77 procent), terwijl de helft van de respondenten er (eerder) de voorkeur aan geeft om te worden beoordeeld door een groep burgers (50 procent). 72 procent zou het een goed idee vinden dat het systeem van lekenrechters uitgebreid wordt in burgerlijke zaken. In strafzaken is dat heel wat minder: daar vindt maar 46 procent dat een goed idee.

Deskundigen mogen justitie tijd en geld kosten, zo blijkt ook uit de barometer. En 92 procent is voorstander van bemiddeling in burgerlijke zaken. In strafzaken is dat 81 procent.

Wat de straffen betreft, is een grote groep mensen voorstander van alternatieve straffen zoals elektronisch toezicht (69 procent) of een dienst aan de gemeenschap (83 procent). Maar wie in de gevangenis zit, moet daar volgens de meerderheid wel tot het einde van de straf blijven (60 procent).

Bij de respondenten zaten 80 personen die in de laatste 10 jaar zelf als slachtoffer of dader met justitie in aanraking waren geweest: 57 procent was tevreden over hoe de zaak was afgehandeld (een stijging ten opzichte van 2010, toen dat maar 49 procent was). 60 procent vond dat de beslissing in zijn zaak rechtvaardig was.

Bij de burgerlijke zaken waren de reacties gemengder: van de 259 ondervraagden die een burgerrechtelijke zaak hadden gehad in de afgelopen 10 jaar (als klager of verweerder), vond 52 procent de uitkomst positief. 55 procent vond dat de rechter naar hen had geluisterd. Een even groot percentage meent goed behandeld te zijn door de rechtbank.

Opvallend nog: justitie scoort beter dan de pers (48 procent vertrouwen) en de religieuze instellingen (38 procent). Het grootste vertrouwen hebben de Belgen in het onderwijs en de politie (91 en 81 procent respectievelijk)

Gepubliceerd op 25-02-2015

  161