Maggie De Block tijdelijk minister van Justitie en de terugkeer van Sven Gatz

De namen van de nieuwe Vlaamse ministers zijn bekend. Met twee opvallende namen: Annemie Turtelboom en Sven Gatz.

Wie volgt de belangrijke portefeuille van Justitie op, nu Turtelboom als uittredend minister van Justitie de eed aflegt als Vlaams minister van Financiën, Begroting en Energie? We stellen u graag de tijdelijke minister van Justitie van de federale regering in lopende zaken voor: Maggie De Block, tot vandaag staatssecretaris voor Asiel en Migratie. Het kabinet-De Block en Turtelboom hebben het nieuws bevestigd, zo meldt deredactie.be.

Daarnaast is de terugkeer van Sven Gatz opmerkelijk. Hij stapte drie jaar geleden uit de politiek en was sindsdien directeur van de federatie van Belgische brouwers. De Juristenkrant sprak met hem in 2013 voor een portret in de reeks Mensen, want Sven Gatz is ook jurist. Hij wordt de nieuwe minister van Cultuur, Media, Jeugd en Brussel.  


 

Uit het archief van De Juristenkrant (nr. 272 van 26 juni 2013):

DE POLITIEK VAN HET BIER


Sinds 1998 staat de Brusselse Grote Markt op de Werelderfgoedlijst van de Unesco. Ook de Brouwersgilde heeft er zijn huis, al sinds de 16e eeuw. Daar ontvangt Sven Gatz ons. Hij bekent: ‘Eigenlijk ben ik een zondagskind. Ik ben gevraagd voor de politiek en dat was de job van mijn leven. Nadien ben ik gevraagd voor de Belgische bierbrouwers en dat is nu de tweede job van mijn leven.’ Hij vertelt ons over het einde van de VU, zijn politiek engagement en de overstap naar de Belgische brouwers, waar hij nu directeur is. ‘Ik merkte pas hoe hard ik altijd aan het rondlopen was, toen het opeens stopte.’

Annelien Keereman

SvenGatzGermaanse? Klassieke filologie? Rechten? Sven Gatz koos uiteindelijk voor het laatste. ‘Een algemeen vormende opleiding met nadien nog veel keuzemogelijkheden.’ Hij koos als Brusselse ket voor Leuven, om even te proeven van een andere stad en om even uit Brussel weg te zijn. De stad sprak hem aan. Hij koos in zijn laatste jaar voor administratief recht en staatsrecht. Het plan was om aan de balie te gaan en zich in die onderwerpen te specialiseren. Achteraf bleek die keuze voor administratief recht vooral te maken te hebben met de link met de politiek. ‘Er zijn juristen en er zijn licentiaten in de rechten, zegt men wel eens. In dat geval ben ik eerder die licentiaat. Na een loopbaan van ruim twintig jaar heb ik ook niet meer de ambitie om nog een echte jurist te worden.’ Zijn kennis van de juridische wereld maakte wel dat hij sneller zijn weg wist in de politiek, hij kende de - in België niet eenvoudige - staatsstructuren. Ook nu nog komt zijn juridische opleiding hem van pas. ‘In een echt technisch-juridisch dossier zal ik advies vragen, maar voor huis-tuin-en-keuken-zaken kan ik voort met mijn eigen kennis.’

Hij studeerde nog een jaar administratief recht bij aan de ULB. Zo kon hij zijn Frans bijschaven, en het vrijzinnige karakter bood ook een tegenwicht voor het katholieke van de KU Leuven. Dat combineerde hij met een stage aan de balie. Hij werkte zeven dagen op zeven. Dat heeft niet zo heel lang geduurd. Al in Leuven kwam hij namelijk in contact met VU au KUL. ‘We ‘speelden’ politiek. We gaven een blaadje uit, leerden schrijven en leerden uitdelen. En niet onbelangrijk, ik leerde ook dat politici benaderbaar zijn.’ Dat kwam hem van pas toen hij zijn legerdienst moest doen. Toen was er nog een wetsartikel actief dat zei dat een minister recht had op bijstand van een milicien, na de Tweede Wereldoorlog werd dat een universitair. Zo heb ik mijn legerdienst gedaan bij Vic Anciaux. Toen een paar jaar later bekend raakte dat Koen Wauters zijn legerdienst bij Leo Delcroix deed, hebben ze dat artikel afgevoerd, maar ik heb er nog gebruik van kunnen maken.’ Hij kreeg een maand opleiding in de kazerne en werd dan gedetacheerd. Zijn advocatenstage liet hij wat het was. In totaal bleef hij drie jaar bij Anciaux. Hij leerde er onderhandelen met de vakbond. Nadien kon hij naar de coördinatie van het migrantenbeleid. Hij koos voor de politiek-maatschappelijke weg. ‘Eigenlijk heb ik mijn loopbaan niet gepland. Ik kwam keer op keer in aanraking met zaken en legde contacten, zo is het organisch gegroeid. Ik liet me meedrijven. Als je zo’n loopbaan te veel zou willen plannen, dan zou het je waarschijnlijk zelfs niet lukken.’

TEAMSPIRIT
Als Guy Verhofstadt in 1992 de VLD sticht, overtuigt hij ook een aantal VU’ers om de overstap te maken. Onder hen Jaak Gabriëls en Bart Somers. Met de neergang van de VU werd ook de spoeling dunner. De partij vroeg Sven Gatz om eerste opvolger te zijn. ‘We hadden niet op de verkiezing van Vic Anciaux gerekend. Zo ben ik een beetje onverwacht in 1995 in het Brussels parlement beland. Een heel goede leerschool. Ik kreeg veel steun van Vic, maar tegelijk moest ik ook wel mijn plan trekken.’ Waarom was het een goede leerschool? ‘Eigenlijk is het Brussels parlement de Kamer in het klein: je hebt er ook twee talen en alle partijen zijn er vertegenwoordigd. Je moet echt een gesprekspartner van de Franstalige partijen worden.’ In die periode bestond er ook nog het dubbel mandaat, waarbij de eerste zes verkozenen ook nog in het Vlaams parlement zetelden. ‘Die dubbele rol was vermoeiend.’ In 2004 werd het dubbel mandaat afgeschaft.

In 2002 maakte Gatz de overstap naar de VLD. ‘Dat was een moeilijke overgang, maar ik heb het mij niet beklaagd. De partijdoelstellingen van de VU waren gerealiseerd, dus moesten we op zoek naar andere doelstellingen. Die richtingenstrijd leidde tot het uiteenvallen van de VU in N-VA en Spirit. Er was ook nog een strekking die niet wilde splitsen, zij zijn nadien gestopt. Ik koos voor Spirit. De VU was voordien al een - en ik zeg het met veel respect - zootje ongeregeld. Spirit was eigenlijk rood en blauw tegelijk.’ Een nieuwe partij oprichten vergt veel engagement en veel goesting. ‘We hebben het beste van onszelf gegeven. Nieuwe statuten geschreven… Maar achteraf bleek dat er toen al afspraken met Steve Stevaert en de sp.a waren gemaakt. Dat is nu wel bijgepraat, maar het heeft me echt doen kantelen.’ U bent niet over een nacht ijs gegaan. ‘Nee, al sinds 1999 kwam ik dagelijks in contact met Guy Vanhengel en Annemie Neyts. De dag van de overstap was echt zwaar. Vic Anciaux, toch een beetje mijn politieke vader, stuurde me een sms met als boodschap: Tu quoque, fili mi.’ Sven Gatz benadrukt dat tijd alle wonden heelt, maar je merkt dat het hem toen aangegrepen heeft. Hij maakte een nieuwe start bij de VLD. ‘Ik heb in mijn mandaat altijd complementair kunnen samenwerken met Guy Van-hengel. We waren allebei uit Brussel, maar elk met onze eigen rol. Guy plooide zich als Brusselaar meer terug op Brussel, ik haalde als Brusselaar de band aan met Vlaanderen. In dat opzicht is het wel opmerkelijk hoe je imago je vooraf gaat: het is niet omdat ik ooit bij de VU zat dat ik zo Vlaams ben als sommige mensen denken.’


 

BIERLIEFHEBBER
In totaal is Sven Gatz 16 jaar parlementair geweest, en zelfs langer voor de VLD dan voor de VU. Waarom is hij eruit gestapt? ‘Ik zat eigenlijk nog wel eventjes goed, maar ik merkte tegelijk dat het meeste dat ik kwijt wou in de politiek er al had ingestoken. Maar ik had geen concrete plannen. Toen kwam de vraag van de Federatie van Belgische Brouwers, en die sprak me meer aan dan ik gedacht had. Sowieso was ik al langer een bierliefhebber. Ik was in het parlement ondervoorzitter van de Belgian Beer Club.’ Die parlementaire club zet zich in voor de biercultuur en de bierindustrie.

Was hij de politiek beu? ‘Ik moet eerlijk toegeven dat ik het theater van villa politica nog moeilijk kon opbrengen. Ik keek erdoor en ik wou er niet cynisch over worden, dus klonk de vraag van de bierbrouwers wel aanlokkelijk.’ Het idee om over te stappen naar de private sector stond hem wel aan. ‘Ik heb gewoon mijn gut feeling gevolgd. Pas toen dat wegviel, merkte ik hoe druk het leven van een politicus is. Dat was de eerste maanden wel een vreemde gewaarwording. Nu zou ik moeilijk nog zo’n actief leven kunnen leiden. Mijn weekends zijn nu echt vrije tijd. Maar ik leer ook veel nieuwe dingen: de commerciële wereld is anders dan de politieke wereld. Al is mijn werk nog altijd heel politiek, dus begin ik ook niet van nul. Nu, je mag dat ook niet romantiseren. Ik moet nog altijd werken om dossiers in orde te krijgen.’

Eén van die dossiers is het rookverbod. Gelooft u dat dat de doodsteek zal zijn voor de cafés? ‘Het aantal cafés daalt daardoor nog sneller, maar dat is ook in andere landen zo. Het zijn voornamelijk de kleinere cafés die moeten sluiten. Maar vanuit volksgezondheid is het rookverbod natuurlijk wél een goede zaak. We bewijzen ons geen dienst door te zeggen dat het rookverbod de horeca kapot maakt. Sinds 1995 zijn de BOB-controles telkens toegenomen en die hebben we altijd gesteund. Het is een beetje zoeken naar het ei van Columbus: hoe kunnen we de horeca binnen dat rookverbod toch een voldoende sterke plaats geven?’ Er zijn ook nog andere thema’s, bijvoorbeeld het klassieke zwartwerk in de horeca. ‘Een witte horeca is een betere horeca. Daar staan we als bierbrouwers mee achter. Er komen speciale kassa’s en een black box. Ook dat zal voor de horeca moeilijk te verteren zijn, maar we hebben een lange overgangsfase.’


 

BIOGRAFIE
NAAM

Sven Gatz
° 1967
LOOPBAAN

  • Licentiaat in de rechten, KU Leuven (1990)
  • Licence spéciale en droit administrative (1991)
  • Microbrouwerij (2011)
  • Volksvertegenwoordiger (1995-2011)
  • Gemeenteraadslid Jette
  • Directeur Federatie van Belgische Brouwers (2011-2014)
  • Vlaams minister van Cultuur, Media, Jeugd en Brussel (2014-nu)

Gepubliceerd op 25-07-2014

  117