Heidi De Pauw (Child Focus): ‘Die enorme muur die twintig jaar geleden rond justitie stond, is gesloopt’

Een interview uit De Juristenkrant

Twintig jaar geleden werd Child Focus opgericht. Het was een van de antwoorden op de tekortkomingen die in het onderzoek Dutroux en bij uitbreiding in de hele architectuur van politie en justitie pijnlijk bloot kwamen te liggen. ‘Vooral in de uitwisseling van informatie tussen de diverse politiediensten en de parketten.’ Dat zegt Heidi De Pauw, directeur van Child Focus, in De Juristenkrant. De Stichting voor Vermiste en Seksueel Uitgebuite Kinderen houdt zich inmiddels met veel meer bezig dan dat. ‘Ik geloof sterk in de rol van ngo’s.’ Een gesprek over weggewerkte en weerkerende pijnpunten, databanken, dadertherapie, tienerpooiers en kinderen van IS-strijders. ‘Moeten we kinderen laten creveren?’

Gepubliceerd op 13-09-2018

Dirk Leestmans
Journalist bij VRT nieuwsdienst
de_pauw_heidi-3818
op de foto: Heidi De Pauw - (c) Elisabeth Broekaert

[...]

Is ook de magistratuur mee geëvolueerd?

‘Ja. Met de referentiemagistraten verdwijningen hebben we erg bekwame mensen die weten hoe zulke dossiers aan te pakken. Dat is een absolute verbetering. Ook voor de slachtoffers. Die enorme muur die twintig jaar geleden rond justitie stond, is gesloopt. De tijd dat een procureur-generaal achter haar handtas door de deuren van de lift zou willen kruipen, ligt achter ons. De magistraat van vandaag is aanspreekbaar en communiceert zelf ook meer: met de pers, denk aan de woordvoerders bij de parketten, én met de ouders.’

‘Denk aan het beeld van Laetitia en Sabine die voor het eerst terug met hun ouders verenigd werden, met alle camera’s op hen gericht en een massa mensen eromheen. Dat is vandaag ondenkbaar. En maar goed ook.’

[...] 

 

Het Antwerpse en Gentse gerecht zijn er al in geslaagd klanten van tienerpooiers te laten veroordelen. Is dat een efficiënte aanpak?

[...] ‘Klanten weten perfect waar ze mee bezig zijn als er gevraagd wordt naar ‘zeer jong’. Het gaat dus niet over de twijfelgevallen maar echt over jonge meisjes, dertien-, veertienjarigen, die wetens en willens besteld worden. Dan moeten mannen niet meer afkomen met te zeggen dat ze dachten dat ze achttien was.’

[...] ‘Je moet hier dus een 360-gradenaanpak doen: dader, klant, preventie, sensibilisering, politie, parket, instellingen… De ketenaanpak moet echt wel doorgedreven zijn, wil men efficiënt werken. Want wat zien we nu? Daders krijgen een veroordeling maar zitten hun straf thuis uit met een enkelband. En ze doen gewoon verder via het internet. Hawking is de techniek. Men cirkelt virtueel rond zijn slachtoffer. Tienerpooiers gaan erg pervers te werk. Die kerels zijn cool, rad van tong, zien er goed uit, hebben geld… Voor zo’n meisje dat soms al van bij haar geboorte in voorzieningen zit is dat allemaal erg verleidelijk. In een aantal gevallen problematiseren de meisjes prostitutie ook niet. Dat is opmerkelijk. Pas na verloop van tijd beseffen ze wel dat ze in een wereld van geweld zitten waar ze niet vrijwillig uit kunnen.’

[...]

 

Een privatisering van het onderzoek?

‘Als grote bedrijven mogen werken met ethical hackers om de eigen zwakheden in hun systemen te detecteren, waarom zouden die ethical hackers dan niet ingeschakeld mogen worden in de strijd tegen kinderporno?’

‘Als justitie een beroep mag doen op externe psychiaters om een pathologie te bepalen, waarom dan geen externe specialisten inhuren om kinderporno op het internet op te sporen? Sommige encrypties zijn soms van die aard dat enkel topspecialisten die kunnen doorbreken. Een politiedienst kan ook niet alle deskundigheid in huis hebben. Om een deur te open, vragen ze een slotenmaker. Je kan dezelfde redenering toepassen op andere terreinen.’

  543