Dagboek van een nieuwe justitie - Is nieuw wel beter?

Op 1 april ontwaakte juridisch België in een volledig hertekend gerechtelijk landschap. Magistrate Beatrice Ponet en advocaat Hugo Lamon houden voor De Juristenkrant een jaar lang een dagboek bij van die justitiële omwenteling. Elke maand brengen zij verslag uit van wat er verandert, of net niet, en denken zij, elk vanuit hun eigen invalshoek, na over wat anders of beter zou kunnen. 

[Dit is een samenvatting van het stuk van Beatrice Ponet en Hugo Lamon. U kunt het volledige stuk lezen in De Juristenkrant (nr. 297 van 5 november 2014) of via Jura.be] 


Beatrice Ponet vreest dat veel magistraten eieren voor hun geld zullen kiezen en vervroegd pensioen zullen aanvragen, omdat ze vrezen dat ze door de maatregelen van de nieuwe regering verplicht langer zullen moeten werken.

'De tijd dat magistraten na hun actieve loopbaan als emeritus gewoon hun wedde behielden behoort al heel lang tot de geschiedenisboeken. In de huidige regeling zijn er nogal wat collega’s die voortijdig ontslag nemen van zodra verder werken voor hen geen bijkomende pensioenvoordelen meer oplevert. Van zodra ze ouder zijn dan 60 beginnen ze zich dan ook te informeren over hun pensioenrechten en dat is dan ook meestal de eerste stap naar het effectief vervroegd pensioen.'

‘Het lijkt erop dat een grote groep collega’s van 62 en meer de komende maanden de hervormingen niet zal afwachten en vervroegd zal stoppen, en dus de onzekere toekomst niet afwachten. Op die manier dreigt op korte termijn veel expertise bij de magistratuur te verdwijnen, zeker wanneer ook uit de gewone demografische curve blijkt dat in ieder geval veel magistraten de volgende jaren met pensioen gaan.’

Dat ligt volgens Ponet aan de ‘hoge werkdruk en de onmogelijkheid tot deeltijds werk’. De regering zou wel denken aan de invoering van een mogelijkheid tot deeltijds werk voor oudere magistraten (zie regeerakkoord). Dat zou wel eens dringend kunnen worden. 

Nog een caveat van Ponet: 'Zal dan ook bij de rechterlijke macht het principe worden toegepast dat er slechts beperkt in vervanging zal worden voorzien? Als dat werkelijk de bedoeling is van de nieuwe regering, zal er toch moeten worden nagedacht over hoe de hoven en rechtbanken dan verder zullen kunnen functioneren. De huidige structuur zal dit niet kunnen opvangen, zodat er dan nieuwe modellen voor justitie moeten worden getekend. Het verbaast dat hierover zo weinig commotie is buiten de magistratuur.'

Hugo Lamon wijst dan weer op de grote moeilijkheden bij de rechtbanken van koophandel, sinds de wet op de natuurlijke rechter van toepassing is geworden.


‘Sinds de inwerkingtreding van de wet ‘op de natuurlijke rechter’ (de wet van 26 maart 2014) zijn de rechtbanken van koophandel overspoeld met grote hoeveelheden (kleine) invorderingen en de daarbij horende verstekvonnissen. Er is sprake van een toename van het aantal zaken van meer dan 50 procent.’


‘Dat dit ook bijkomend werk zou opleveren voor de griffies stond in de sterren geschreven, maar zoals zo vaak bij justitie werd hierop niet geanticipeerd. Er kwam geen uitbreiding van het personeelskader, maar bovendien werd wie wegging niet eens vervangen. Tot overmaat van ramp blijkt de ICT bij die griffies niet performant genoeg om deze nieuwe toestroom aan te kunnen. Het gevolg van dit alles is een allesbehalve efficiënte justitie. Het is al lang geen uitzondering meer dat verstekvonnissen bij de rechtbanken van koophandel pas na 1 maand worden uitgesproken en daarna is het weer aanschuiven bij de griffie om een uitgifte van dat vonnis te krijgen, wat vereist is om het te kunnen uitvoeren.’

'En natuurlijk zullen de advocaten begripvol geduld oefenen, maar de vraag is wel of de rechtzoekenden dat ook moeten en willen doen. Ondernemingen die worden geconfronteerd met betalingsachterstand hebben recht op een snelle uitvoerbare titel. Overigens is dat ook een Europese verplichting, nu betalingsachterstand snel en efficiënt moet worden aangepakt. Gaat iedereen nu wachten tot de Europese Commissie een inbreukprocedure start? En verdienen die voorzitters van de rechtbanken van koophandel niet wat meer maatschappelijke aandacht met hun probleem dat ze zelf niet hebben veroorzaakt? Misschien dat op het nieuwe kabinet van de minister van Justitie wel een of ander nieuwbakken medewerker dit stukje leest. Kan die dit dan misschien toch niet eens voorleggen aan de minister?'

Dit is een samenvatting van het stuk van Beatrice Ponet en Hugo Lamon. U kunt het volledige stuk lezen in De Juristenkrant (nr. 297 van 5 november 2014) of via Jura.be.

Gepubliceerd op 06-11-2014

  167