Conflict tussen Franstalige rechtbank Brussel en minister Geens over personeelstekort

De Franstalige Brusselse jeugdrechters zullen vanaf 15 oktober niet langer dossiers behandelen van opgesloten minderjarigen, waardoor die systematisch zullen worden vrijgelaten. Dat staat in een brief aan minister van Justitie Koen Geens, waarin de leden en magistraten van de Franstalige jeugdrechtbank het personeelsgebrek aanklagen. Minister Geens is het niet eens met die kritiek.


De auteurs van de brief herinneren de minister eraan dat de jeugdrechtbank al maanden met een gebrek aan personeel kampt. Sinds 2 december beschikt de twaalfde kamer bovendien niet langer over een griffier, waardoor de rechter niet meer in staat zou zijn zittingen te organiseren. 'Ze is naar de zittingszaal getrokken om de advocaten, rechtzoekenden en het psychosociaal personeel aan te kondigen dat geen enkele zaak kon worden behandeld' en om de redenen uit te leggen. Zonder griffier kan de magistraat geen beslissing met een bevelschrift nemen, met de vrijlating van de gevangenen tot gevolg, net zomin de magistraat opvang kan beslissen voor een kind dat het slachtoffer zou zijn van ernstige verwaarlozing of geweld.

De auteurs zeggen dat de komst van een griffier, wiens benoeming enkele dagen geleden in het Staatsblad is verschenen, weinig zoden aan de dijk zal brengen. De nieuwkomer zal immers pas binnen enkele weken operationeel zijn en een opleiding moeten krijgen van andere griffiers, die al kreunen onder de werkdruk als gevolg van het gebrek aan personeel, luidt het. 'Omdat we niet zonder reactie kunnen blijven bij de onmogelijkheid om onze openbare dienst uit te voeren, hebben de Brusselse jeugdrechters unaniem beslist (...) niet langer de dienst uit te voeren voor opgesloten minderjarigen, die als gevolg daarvan systematisch zullen worden vrijgelaten, en dit vanaf donderdag 15 oktober', luidt het. Wel beloven ze het werk te hervatten van zodra het personeelsbestand en griffiers is genormaliseerd.'


Voldoende middelen

Ondertussen reageerde minister Geens al: hij is niet opgezet met de actie van de Franstalige jeugdrechtbank in Brussel. De minister zegt dat hij op korte en langere termijn aan oplossingen werkt, maar dat de Franstalige rechtbank van eerste aanleg in Brussel voldoende middelen krijgt.

Voor alle rechtbanken in ons land worden budgetten en mensen vrijgemaakt om hun organisatie en werking te versterken, zegt Geens. De selecties zijn lopende om binnenkort nationaal 444 mensen aan te werven of te bevorderen. Hiervan zijn 150 plaatsen voor Brussel opengesteld. Om griffier op een rechtbank of secretaris op een parket te worden, hebben reeds ruim 300 kandidaten zich aangeboden.

Intussen kunnen ook de meest dringende noden worden gelenigd met tijdelijke contracten. De minister heeft een budget vrij kunnen maken van 7,5 miljoen euro om de meest acute noden op korte termijn op de rechtbanken en parketten te lenigen en de werklast te verminderen. 'Daarvan is momenteel nog 5 miljoen euro beschikbaar. De minister stelt vast dat de Franstalige rechtbank van eerste aanleg te Brussel niet inging op zijn vraag', luidt het in een mededeling van zijn kabinet.

Geens preciseert ook dat voor diezelfde rechtbank het kader werd verruimd door de splitsing van het gerechtelijk arrondissement en dat er een politiek engagement bestaat om naar een volledige invulling te streven. Het kader van de rechters in eerste aanleg is ingevuld ten belope van 117 op 122. Er zijn 34 posten van griffier vacant, op een kader van 134. Achttien griffiersplaatsen worden ingevuld tegen eind oktober, nog eens negen in de loop van november, wat het ingevuld kader zal brengen op 127 op 134. Daarnaast zijn er voor de rechtbank tien plaatsen van assistent gepubliceerd. Die selecties vinden plaats van zodra de selecties voor griffier afgerond zijn.

Eerder werden volgens de minister zeven leden van het griffiepersoneel overgeheveld van de Nederlandstalige naar Franstalige rechtbank. Ook benoemde hij 73 voorlopig aangestelde leden van het griffiepersoneel definitief op het Franstalige kader, hoewel ze waren aangesteld met het oog op het slagen voor de tweetaligheidsproef.

'Ik werk op korte termijn en langere termijn aan oplossingen. Acties zoals deze van de Franstalige jeugdrechtbank in Brussel betreur ik dan ook ten zeerste', besluit minister Geens

Gepubliceerd op 23-09-2015

  36