Commercieel contract opstellen? Opgepast voor deze valkuilen!

Hoewel de Wet betreffende de precontractuele informatie bij commerciële samenwerkingsovereenkomsten dateert van 2005, is ze brandend actueel. De rechtspraak heeft de voorbije jaren een en ander verduidelijkt en ook de discussie omtrent de toepassing van deze wetgeving op de bank- en verzekeringssector is nu uitgeklaard.

Gepubliceerd op 13-11-2017

Sophie Nottebaert
Product Manager bij M&D Seminars, Wolters Kluwer België
precontractuele-informatie

Koen De Bock, advocaat-vennoot bij De Bock & Baluwé advocaten, is een expert in de materie. “Het oorspronkelijke idee was een wetgeving specifiek voor franchisecontracten”, licht hij toe. “Het doel was een allesomvattende wetgeving te maken, waarbij vooral de contractuele rechten en plichten van de partijen tijdens de samenwerking en de beëindiging van de samenwerking zouden worden geregeld. Toen hieromtrent geen politiek akkoord mogelijk was, heeft men geopteerd voor een wet die enkel de vooraf door de kandidaat-franchisegever te verstrekken informatie viseert. In het uiteindelijke compromis is deze precontractuele informatie-uitwisseling niet enkel van toepassing verklaard op franchisecontracten, maar opengetrokken voor alle vormen van commerciële samenwerkingsovereenkomsten.”

Als specialist in contractenrecht waarschuwt hij ervoor dat de wet heel formalistisch is. “Hou je je niet aan de wettelijke bepalingen, dan is de nietigheid van de overeenkomst of van bepaalde clausules uit de overeenkomst een mogelijke sanctie.”

Opgelet voor de valkuilen!

  1. “De wet geldt dus voor een aantal commerciële contracten: franchiseovereenkomsten, maar ook concessies – bijvoorbeeld in de automobielsector – en zelfs een overeenkomst met een zelfstandig gerant van een winkel.”
  2. 30 dagen voor de eigenlijke ondertekening van het contract moet de informatie uitgewisseld zijn. Die termijn is heel dwingend en dient volledig gerespecteerd te worden.”
  3. “De informatie-uitwisseling dient dubbel te gebeuren: niet alleen moet het contract doorgestuurd worden, er moet ook een bijkomende bundel zijn met een toelichting over de belangrijkste contractuele clausules én er moet informatie gegeven worden over de persoon en de activiteiten van de kandidaat-franchisegever, kandidaat-concessiegever …”
  4. “Wanneer bepaalde clausules dubbel geïnterpreteerd kunnen worden, dan voorziet de wet dat de voor de tussenpersoon meest gunstige interpretatie Dat kan bijvoorbeeld het geval zijn wanneer er onduidelijkheid is over waarop het concurrentiebeding betrekking heeft en welke activiteiten geviseerd zijn, maar ook wanneer de duur van het contract voor interpretatie vatbaar is.”
  5. “Er is lang discussie geweest over het feit of de bank- en verzekeringssector nu wel of niet uitgesloten Sommigen beweerden dat dat in strijd was met het gelijkheidsbeginsel zoals opgenomen in de grondwet. Het Grondwettelijk Hof heeft uiteindelijk beslist dat de uitsluiting weldegelijk conform de grondwet is. In september van dit jaar werd er specifiek voor de banksector op sectorniveau toch afgesproken een zekere precontractuele informatie-uitwisselingsplicht te respecteren.”
  471