Brussel moedigt alternerende opleiding aan met nieuwe premies

Het Brussels Hoofdstedelijk Gewest heeft opnieuw een stap gezet in de uitbouw van een eigen doelgroepenbeleid. Er worden twee premies toegekend om de altererende opleiding te stimuleren: de mentorpremie en de jongerenpremie.

Doelgroepenbeleid

Het Brussels Hoofdstedelijk Gewest heeft een eigen beleid voor tewerkstellingssteun uitgestippeld. Het geregionaliseerd doelgroepenbeleid kreeg vorm in een kaderordonnantie met een beleid dat zich toespitst op de specifieke situatie van Brusselse werkzoekenden en werknemers.
De tekst bevat inschakelingsmaatregelen, activeringsmaatregelen (activering via werk), maatregelen tot behoud op de arbeidsmarkt van oudere werknemers, en maatregelen voor specifieke steun op de arbeidsmarkt. Maar die basisregels moeten nog verder worden uitgewerkt.

Premies

Op basis van die kaderordonnantie heeft Brussel eerder al een premie uitgewerkt voor werkzoekenden die zich vestigen als zelfstandigen. En er kwamen ook verschillende activeringsmaatregelen voor werkzoekenden, gebundeld in een uitvoeringsbesluit.
Onder de noemer ‘specifieke steun op de arbeidsmarkt’ voorziet de kaderordonnantie ook in een premie voor mentors bij alternerende opleidingen. Op basis van die tekst voert een besluit van 7 juni 2018 nu twee premies in om de alternerende opleiding te stimuleren.
De premies mogen niet tegelijk worden toegekend met een andere financiële tegemoetkoming in de bezoldiging, met uitzondering van verminderingen van sociale bijdragen. Bovendien kan de Brusselse arbeidsbemiddelaar Actiris de premies terugvorderen indien blijkt dat ze ten onrechte werden toegekend (en de fout daarvoor niet bij Actiris ligt). De terugvorderingsbeslissing wordt gemotiveerd in een aangetekende brief.

Mentorpremie

Een mentorpremie van 1.750 euro wordt toegekend per periode van twaalf maanden aan een werkgever (ook privaatrechtelijke of publiekrechtelijke rechtspersonen) met een exploitatiezetel in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, en dat voor elke mentor die gedurende minstens zes maanden minstens één en maximum vier ‘leerlingen’ tegelijk begeleidt in die exploitatiezetel.
Het gaat hier personen om:
  • die ingeschreven zijn bij een van de erkende operatoren voor alternerende opleiding,
  • die minder dan 25 jaar oud zijn, en
  • die een overeenkomst alternerend leren afsluiten (specifieke regelgeving).
De werkgever kan slechts één premie per mentor krijgen. Hij dient daartoe een aanvraag in bij Actiris (formulier opgesteld door Actiris):
  • De aanvraag bevat de in het besluit opgesomde informatie en stukken (identiteit, adres, rekeningnummer, benaming opleiding …).
  • Bij het formulier zit een getuigschrift dat bevestigt dat de opleiding in de onderneming plaatsvond over een periode van minstens zes maanden.
  • De aanvraag wordt ingediend ten vroegste zes maanden na het begin van de alternerende opleidingsovereenkomst, en ten laatste binnen de negen maanden die volgen op het begin van die overeenkomst.
  • De premie wordt ten laatste betaald binnen de twee maanden die volgen op de indiening van het volledige aanvraagdossier.

Jongerenpremie

Een jongerenpremie wordt toegekend aan de jongere voor elke alternerende opleiding van minstens vier maanden bij dezelfde werkgever (ook privaatrechtelijke of publiekrechtelijke rechtspersonen) in uitvoering van een of meer opleidingsovereenkomsten (onder andere ook de beroepsinlevingsovereenkomst).
De jongere kan maximum drie keer recht hebben op de jongerenpremie gedurende dezelfde opleidingscyclus (en voor zover hij succesvol een jaar opleiding heeft beëindigd). De premie bedraagt 500 euro bij de eerste en de tweede aanvraag, en 750 euro bij de derde aanvraag. Hij dient daartoe een aanvraag in bij Actiris (formulier opgesteld door Actiris):
  • De aanvraag bevat de in het besluit opgesomde informatie en stukken (identiteit, adres, benaming opleiding, getuigschrift van de onderwijs- of opleidingsinstelling …).
  • Bij het formulier zit een getuigschrift dat bevestigt dat de opleiding in de onderneming werd gerealiseerd voor een periode van minimum vier maanden, en ook een getuigschrift van welslagen.
  • De aanvraag wordt ingediend binnen de drie maanden die volgen op het einde van het opleidingsjaar.
  • Het bedrag van de jongerenpremie wordt ten laatste betaald binnen de twee maanden die volgen op de indiening van het volledige aanvraagdossier.
De ‘jongere’ in kwestie moet gedomicilieerd zijn in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest. Gedurende de periode van deeltijdse leerplicht begint hij met het volgen van onderwijs met beperkt leerplan. Of met het volgen van de voor de vervulling van de leerplicht erkende vorming.

In werking

Het besluit van 7 juni 2018 treedt samen met de basisbepaling uit de kaderordonnantie in werking op 1 juli 2018.
Tegelijk wordt het KB van 1 september 2006 betreffende de start- en stagebonus opgeheven. En in het KB van 16 mei 2003 dat de verminderingen van de sociale zekerheidsbijdragen heeft geharmoniseerd en vereenvoudigd, wordt het onderdeel over de mentors opgeheven.
Bron:

Besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 7 juni 2018 betreffende de premies om de alternerende opleiding te stimuleren, BS 19 juni 2018

Gepubliceerd op 29-06-2018

steven-bellemans
Steven Bellemans
Wolters Kluwer
  258